Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Er wordt vaak geklaagd over het niveau van de wetgeving in ons land. De kritiek is o.m. dat die achter de feiten aanholt en onbegrijpelijke regels maakt die iedereen er spontaan toe aanzetten te zoeken naar de achterpoortjes of uitwijkroutes. Advocaten zijn vaak de eerste critici van de beleidsmakers, behalve wanneer ze door de wetgever zelf zijn betaald om de wetgever bij te staan omwille van hun deskundigheid.

Sommige bekommernissen lijken eenvoudig, maar blijken complex wanneer ze in een wettekst moeten worden omgezet. Net daarom is het interessant om te volgen hoe de advocatuur omgaat met haar eigen bevoegdheid om regels te maken. De advocatuur bepaalt volledig autonoom de deontologische regels van het beroep, al is dat niet onbeperkt. De deontologische regels moeten noodzakelijk zijn op grond van argumenten van algemeen belang en de proportionaliteitstoets doorstaan. Ze mogen dus niet meer beperkingen opleggen aan de vrijheid van ondernemen dan nodig is.

Er zijn echter ook regels die gewoon praktische afspraken vastleggen. Zo kent de advocatuur een deontologische regeling over het statuut van de communicatie tussen advocaten. Het is zowat het enige reglement van de reeds meer dan twintig jaar geleden ter ziele gegane Nationale Orde van Advocaten en is zowel in het noorden als in het zuiden van het land vooralsnog identiek. Het principe is dat de communicatie tussen advocaten vertrouwelijk is, wat betekent dat er niet naar mag worden verwezen in procedures voor de rechtbank. De advocaat heeft een beroepsgeheim en via die deontologische regel kan hij dat geheim met zijn tegenstrever delen en ontstaat er zo een gedeeld beroepsgeheim. Dat is ook handig om vertrouwelijk te onderhandelen en op die manier te trachten een geschil op minnelijke wijze op te lossen.

Een officiële brief is niet onschuldig, want die kan in een procedure worden gebruikt en dus verregaande gevolgen hebben

In de praktijk zal een cliënt vaak een advocaat raadplegen wanneer die een brief van een advocaat van een tegenpartij heeft ontvangen. Die cliënt vraagt dan dat de advocaat zelf hierop reageert. Nu voorziet de deontologische regel dat de advocaat ook op officiële wijze namens zijn cliënt kan communiceren met de advocaat van zijn tegenpartij. Een officiële brief is niet onschuldig, want die kan in een procedure worden gebruikt en dus verregaande gevolgen hebben.

‘Oubollig’

Die uitzondering die maakt dat een brief die de advocaat namens zijn cliënt heeft geschreven in een procedure kan worden gebruikt is aan een aantal strikte regels onderworpen, die in de praktijk vaak – en dit al jaren – niet worden nageleefd. Indien het om een wet van het parlement zou gaan dan zouden de advocaten het omschrijven als een ‘oubollige’ regeling die dringend aan herziening toe is omdat er geen draagvlak meer is. Wanneer een regel massaal niet wordt nageleefd, is dat vaak een aanwijzing dat er iets schort met die regel zelf. Sommigen mogen dan wel vinden dat die deontologische regeling duidelijk is, maar iedereen weet dat de regel vaak wordt miskend en aanleiding geeft tot talrijke betwistingen. Er wordt beweerd dat bijna de helft van de klachten bij de stafhouder betrekking zouden hebben op betwistingen over het statuut van die advocatencommunicatie in een concrete zaak.

Vorige week besliste het advocatenparlement, naar verluidt met een nipte meerderheid, dat er kan worden nagedacht over een eventuele wijziging. Dat er zal worden nagedacht is alvast positief, nu de vraag al twintig jaar wordt gesteld. En natuurlijk roept die vraag ook andere vragen op. Is het denkbaar dat de regel in Vlaanderen anders zou zijn dan in Franstalig België? Dat was overigens ook al een bedenking toen de Orde van Vlaamse Balies en de Franstalige tegenhanger meer dan twintig jaar geleden zelf werden opgericht. En ja, aan de andere kant van onze taalgrens wordt er vaak anders gedacht en dat leidt tot andere regels. En ja, wat een officiële brief is blijft een kwestie van goede afspraken, maar meer nog van een heldere en transparante regeling. En ja, het is ook van belang dat de handhaving van de regel overal op dezelfde manier gebeurt.

En neen, ik heb het nu niet over een wet van het federaal parlement of een decreet van het Vlaams parlement, maar de uitdagingen zijn opvallend gelijklopend. Regels en normen maken, is niet altijd eenvoudig en er zijn overal hindernissen en onverwachte obstakels. Dat mag de regelgever er niet toe aanzetten alles bij het oude te laten.

De moeizame wijze waarop het “reglement briefwisseling” kan worden gemoderniseerd moet de advocatuur ook tot bescheidenheid aanzetten bij het beoordelen van de wetgevende macht. Wat advocaten zelf kunnen doen, doen ze niet altijd beter. Gewoon, omdat regels maken niet altijd eenvoudig is.

Hugo LAMON

Lees hier eerdere columns van Hugo Lamon

Op de hoogte blijven van alle nieuwigheden binnen de juridische en fiscale wereld?
Volg Jubel.be op LinkedIn

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Bekijk alle artikelen

1 reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  • Wij hebben het mooiste beroep dat er bestaat als iedereen zich aan de deontologische regels zou houden en niet proberen om de kantjes eraf te rijden. De vertrouwelijkheid van de communicatie tussen advocaten is één van de grootste troeven van ons beroep en het is frustrerend, soms wraakroepend, te moeten vaststellen dat de regels meer en meer met de voeten worden getreden. Ik ben misschien ouderwets maar na +40 jaar advocatuur ben ik nog steeds overtuigd dat de basisprincipes van ons beroep niet hard genoeg kunnen worden benadrukt en dat men de rotte appels eruit moet gooien, wat ook al +40 wordt aangekondigd maar nog nooit hard werd gemaakt.