Banner Zomermagazine

De regering was druk in de weer om in de media het moeizaam bereikte akkoord over het openhouden van de kerncentrales toe te lichten, maar de journalisten konden niet terecht bij de voorzitter van de socialistische partij. Die had zich contractueel verbonden om op dat ogenblik liedjes te gaan zingen in een radiostudio. Dat was het gevolg van een succesvolle passage in het druk bekeken tv-programma The Masked Singer, waarin hij verkleed als konijn de harten van sommige kijkers sneller deed slaan.

Hij was niet de eerste politicus die in entertainmentprogramma’s opduikt en zal ook niet de laatste zijn. Gevraagd om een reactie, liet hij noteren: “Ik mag mij toch ook eens amuseren?”. Het staat vast dat in ieder geval een groot aantal kijkers zich amuseerden en achteraf de wijsneuzen van de sociale media weer voer hadden voor het voeden van hun dagelijkse ergernissen.

Het zijn andere tijden. Wie nu nog durft te beweren dat zoiets de geloofwaardigheid van een politicus aantast, wordt als een ouderwetse wereldvreemde zeur weggezet. Dat is ook het lot van zij die meewarig doen over de “instagramisering” van de politiek en zij die durven te opperen dat er een vorm van verkleutering van het politiek debat ontstaat.

Net op hetzelfde moment is een erosie aan de gang van het begrip “ministeriële verantwoordelijkheid”. Het lijkt erop dat enkel wanneer een persoonlijke zware fout van de minister kan aangetoond worden, hij of zij een stap opzij moet zetten. In alle andere gevallen wordt de zaak begraven in schimmige onderzoekscommissies of wordt de schuld doorgeschoven naar ambtenaren.

Het toont allemaal aan dat de ethische normen in de politiek zijn opgeschoven. Zoals overal elders is de deontologie van de politicus een geheel van vaak ongeschreven regels waardoor de burger vertrouwen moet hebben in de politiek.

Ook in andere domeinen gelden er deontologische regels, die vaak de “waardigheid van het beroep” als uitgangspunt hebben. Dat is ook zo voor advocaten en magistraten. Als we nu bij wijze van gedachte-experiment ons de situatie zouden indenken dat niet de voorzitter van de partij Vooruit zich in een konijnenpak zou bewegen, maar de eerste voorzitter van het Hof van Cassatie of de voorzitter van de Orde van Vlaamse Balies. Het valt aan te nemen dat dit bij advocaten en magistraten niet zou worden geapprecieerd, al valt het aan buitenstaanders moeilijk te verantwoorden waarom een toppoliticus zich mag amuseren en we dat aan de prominente vertegenwoordigers van justitie zouden ontzeggen. Of toch wel, wie een bepaalde verantwoordelijke taak op zich neemt, moet aanvaarden dat hij zich soms terughoudender dient te gedragen. Magistraten moeten dat omdat ze nooit een schijn van partijdigheid mogen uiten zodat iedereen hen kan vertrouwen, zowel de VTM-kijker als de Klara-luisteraar.

Toch verdient de evolutie van de politieke zeden ook aandacht bij justitie. De tuchtoverheden hebben daar nogal te zeer de gewoonte om de waardigheid en de kiesheid af te toetsen aan wat de meerderheid van de eigen beroepsgroep denkt zodat dit steeds een wat conservatieve toetsingsnorm is. In recent aangepaste deontologische regels, zoals bij de artsen en de psychologen, wordt de toetsingsnorm buiten de beroepsgroep gelegd en wordt de waardigheid beoordeeld aan de hand van wat de patiënten verwachten van de zorgverstrekker.

Een zelfde oefening zou aan de balie betekenen dat er ook wordt geluisterd naar het verwachtingspatroon van de cliënten. Misschien vinden die het niet zo erg als een advocaat of een OVB-voorzitter uit de bol gaat en een privéleven opeist waar de tuchtoverheid zich niet mee moet moeien. En misschien vinden de burgers dat ook magistraten hun terughoudendheid mogen laten varen en in, bijvoorbeeld, quizprogramma’s hun kennis mogen etaleren of in society-bladen spreken over pakweg hun seksleven. Al is het ook daar niet zeker dat, zelfs indien de burger daar geen graten in zou zien, het voor de werking van justitie een goede zaak zou zijn. En als de losse omgang aan de ene zijde van het spectrum kan, zou dat dan ook tot gevolg hebben dat de maatschappelijke verantwoordelijkheid op de schop kan?

Het is dus alles bij elkaar een goede zaak dat er ethische normen zijn en deze via de deontologie ook worden afgedwongen. Toegegeven, ze mogen best wat helderder en hier en daar ook wat worden afgestoft, maar ze afschaffen zou geen goede zaak zijn. Wie pleit voor een afschaffing van de Orde omdat die onvoldoende democratisch zou zijn, voert het verkeerde debat.

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Bekijk alle artikelen

1 reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  • Geachte meester Lamon. En wat dan te denken van meester Damen in het programma “de verraders”? Een aanzet voor anderen, advocaten vandaag en morgen misschien magistraten?
    Met vriendelijke groeten
    Franz Beddeleem
    Erkend Bemiddelaar – Systemisch Counselor