Rechtuit

Is de Vlaamse advocatuur van overmorgen al de Nederlandse realiteit van vandaag?

Avatar
Geschreven door Hugo Lamon

 

LAMON op woensdag

Mr. Hugo Lamon is advocaat aan de balie van Limburg en Brussel NL.
Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie.

Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie.

Het beleidsplan 2020-2023 van het nieuwe bestuur van de Orde van Vlaamse Balies werd door het advocatenparlement met ruime meerderheid goedgekeurd. Er is duidelijk veel aandacht besteed aan de vorm en er werd geopteerd voor een gepersonaliseerde aanpak met foto’s en pittige quotes van de bestuurders. Nieuw is ook dat er een bestuurder specifiek bevoegd is voor “de toekomstvisie van de advocatuur” (en dat combineert met “communicatie”). Laat nu net die toekomstvisie – voorlopig althans – bijzonder vaag zijn. “De OVB zet zich in voor een moderne, dynamische en technologisch vooruitstrevende advocatuur” valt er te lezen. Het zou nogal gek klinken indien de OVB zou pleiten voor een ouderwetse, ingedommelde en conservatieve advocatuur. Om de toekomstvisie uit te tekenen richt de OVB een “een taskforce ‘Overmorgen’ op. Deze taskforce informeert zich binnen en buiten de beroepsgroep, en onderzoekt wat de rechtzoekende vandaag en morgen van de advocaat verwacht.” Er bestaan al talrijke binnen-en buitenlandse rapporten, studies, bevragingen, enquêtes, rondetafelgesprekken, barometers en wetenschappelijke onderzoeken zodat de ‘taskforce’ hopelijk snel overgaat tot de orde van de dag.

Zo verdient het aanbeveling om een vinger aan de pols te houden bij wat er nu in Nederland gaande is. Op maandag 12 oktober moesten tien advocaten zich in Dordrecht voor de tuchtrechter verantwoorden. De inzet van de discussie is het vorig jaar gelanceerde BrandMR (‘brandmeester’), een initiatief van SRK Rechtsbijstand. Spin-off BrandMR levert tegen vaste, relatief lage prijzen eenmalig juridische hulp in vier domeinen, zoals ‘huis en wonen’ en ‘werk en inkomen’. “SRK besloot BrandMR te lanceren nadat het via onderzoek had ontdekt dat een kwart van de Nederlanders bij een juridisch geschil geen rechtshulp inschakelt omdat die te duur is. Vooral bij middeninkomens en kleine ondernemers zou er behoefte bestaan aan juridische hulp tegen een vaste prijs, als alternatief voor advocaten” (NRC, 13 oktober).

Het liefst zou BrandMR advocaten van SRK inzetten, maar volgens de huidige advocatenregels in Nederland mag dat niet. BrandMR zet daarom alleen juristen in. Toch worden een tiental advocaten van SRK met naam, foto en een korte omschrijving op de BrandMR-website voorgesteld onder de begeleidende tekst: “Op termijn willen we ook graag advocaten inzetten die nu bij ons zusterbedrijf SRK Rechtsbijstand in dienst zijn. Op dit moment is dit helaas nog niet mogelijk.” (In Nederland kunnen advocaten werknemer zijn, wat bij ons deontologisch niet mag).

Die tien worden nu tuchtrechtelijk vervolgd. De Nederlandse deontologische regels laten niet toe dat advocaten actief zijn binnen “alternatieve bedrijfsstructuren” zoals BrandMR, waar niet-advocaten aandeelhouder zijn of het bestuur vormen. Net zoals bij ons in Vlaanderen is er de vrees dat de onafhankelijkheid van de advocaat niet wordt gewaarborgd wanneer de structuur wordt opgezet met ‘vreemd kapitaal’.

In het OVB-beleidsplan staat dat de op te richten taskforce wil vertrekken van wat de rechtzoekende “vandaag en morgen van de advocaat verwacht”. Het valt te voorspellen dat het antwoord op die vraag toegankelijke en betaalbare juridische dienstverlening is, waarbij die rechtzoekende misschien geen probleem heeft met de “alternatieve bedrijfsstructuren”. Dat verbod is in Nederland trouwens voorwerp van onderzoek door de mededingingsautoriteit. Overigens nam de Nederlandse Tweede Kamer een motie aan die de regering oproept om zélf het initiatief te nemen om de wet- en regelgeving aan te passen als de orde van advocaten niet “substantieel meer ruimte” biedt aan alternatieve bedrijfsstructuren. De OVB zal die discussie wel met de nodige aandacht willen volgen, want ze zal ook hier onvermijdelijk op de agenda komen, al zijn er nog geen dergelijke politieke signalen.

Intussen maakt ons land kennis met zijn nieuwe minister van Justitie, die in zijn eerste verklaringen duidelijk is: de nieuwe justitie zal digitaal zijn of niet zijn. Hij krijgt daarvoor op alle banken applaus, maar de vraag die morgen en overmorgen zal rijzen is hoe dit zal worden gerealiseerd. Er zijn de discussies over het programma MACH en de bij momenten opgehitste emotionele taferelen tussen de Diplad-aanhangers en de e-deposit-adepten. Cruciaal is hoe de minister die oude stammentwisten gaat managen. In de voorbije jaren werd de digitalisering achter de schermen geleid door de Karel Tobback (de digitaliseringsrechterhand van de vorige minister Koen Geens). De vraag is wie hem zal vervangen en welke beleidsruimte mensen als Ivan Verborgh (volgens Linkedin “staff director ICT” bij de FOD Justitie) zullen hebben.

Overmorgen zou wel eens sneller dan verwacht al vandaag kunnen zijn. Er wordt veel van de OVB verwacht.

Hugo LAMON

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.