Banner Zomermagazine

Bij alle juridische vrije beroepen is er een hervormingsdrang. Bij de gerechtsdeurwaarders botst het businessmodel van grote geïntegreerde kantoren, die incasso vanuit een marktlogica benaderen, met de houding van anderen die wijzen op de noodzakelijk sociale rol van de gerechtsdeurwaarders. Het notariaat is in blijde verwachting van een grondige hervorming van de notariswet, al zal ook na een hervorming de notaris een ministerieel ambtenaar blijven die een taak van algemeen belang vervult. Het Nederlandse model, met vrije tarieven, lijkt afdoende te hebben aangetoond dat dit niet zorgt voor goedkopere en betere dienstverlening. Ook binnen de advocatuur wordt door sommigen nagedacht over de toekomst van het beroep, al moet het debat daar nog echt beginnen.

De reflectie gaat overigens breder en handelt in essentie over de vraag of er nog ruimte is voor een apart statuut voor beoefenaars van vrije beroepen. Zijn zij geen ondernemers zoals alle anderen en het is toch zo dat het Wetboek van Economisch Recht nog slechts een relatief marginaal belang hecht aan de categorie “vrij beroep” (in essentie enkel bij de afhandeling van faillissementen)?

In al die debatten wordt vaak vergeten dat de beoefenaar van het vrij beroep ook rekening houdt (of minstens zou moeten houden) met het algemeen belang (de bescherming van de rechtsstaat, de volksgezondheid, de stabiliteit van gebouwen, enz.) en er daarom deontologische regels zijn die dat algemeen belang moeten vrijwaren en dat legitimeert de beperkingen op de vrijheid van ondernemen. Wie dat zegt wordt nu wel eens weggezet als een oude romanticus die niets begrepen heeft van modern ondernemen. Dat bij wijlen populistisch discours stoort me al enige tijd en bracht mij ertoe om aan een publicatie te werken om een aantal beginselen in herinnering te brengen. Hippe marketingpraatjes en een idolatrie ten aanzien van de gadgets van de artificiële intelligentie en de digitalisering lijken de nieuwe ordewoorden te zijn. En uiteraard moeten voor deze adepten van de nieuwste wereld de schotten opgedoekt worden tussen gerechtsdeurwaarders, advocaten en notarissen. Ze leveren toch aanvullende diensten en waarom ze dan niet in hetzelfde kantoor laten samenwerken?

Zonder vooruit te lopen op wat ik hierover nog uitvoeriger ga schrijven, wil ik er nu toch al op wijzen dat het misschien goed is om even stil te staan bij wat de rol is van ieder van deze beroepen. Een gerechtsdeurwaarder is een ministeriële ambtenaar, die authenticiteit verleent en die meer doet dan enkel rekening te houden met de belangen van zijn opdrachtgever, omdat hij ook moet kijken naar de positie van de tegenpartij van de opdrachtgever en meer in het algemeen een maatschappelijke rol heeft om de tegenstelde belangen zoveel als mogelijk met elkaar te verzoenen. Wanneer dit wordt verwaarloosd, is het beroep van gerechtsdeurwaarder niet meer relevant. Ook de notaris is ministerieel ambtenaar en de recente televisiereeks was niet enkel een gigantische collectieve reclamestunt voor het beroep, het toonde ook aan dat de maatschappelijke rol van de notaris essentieel is.

Op dit ogenblik verbiedt de wet, precies omwille van dat algemeen belang, dat notarissen en gerechtsdeurwaarders zich associëren met advocaten. Zelfs indien de wetgever het zou toelaten, wat overigens een slecht idee is, blijft de vraag hoe dit dan zou moeten georganiseerd worden. Het is toch niet denkbaar dat de gerechtsdeurwaarder-vennoot de tegenpartijen van de advocaat-vennoot zou kunnen verder helpen en de notaris-vennoot aktes zou verlijden voor partijen die een tegenstrijdig belang hebben met de cliënten van de advocaat-vennoot? Wie daar geen probleem mee heeft, moet zich dan de vraag stellen wat in die constellatie dan nog de rol en de maatschappelijke relevantie is van de advocaat. Advocaten zijn partijdige dienstverleners, die opkomen voor de belangen van hun cliënt, of wil men dat concept verlaten?

De vraag naar de noodzakelijke partijdigheid kan trouwens ook voor heikele dilemma’s zorgen. Advocaten die bijvoorbeeld optreden als curator of schuldbemiddelaar mogen in die functie niet partijdig zijn. Het is wat al te gemakkelijk om te blijven zeggen dat ze die taak niet in hun hoedanigheid van advocaat uitoefenen, terwijl het Wetboek van Economisch Recht dan weer stelt dat enkel advocaten curator mogen zijn.

Misschien kunnen curatoren wel associëren met notarissen en gerechtsdeurwaarders, maar kunnen ze dan nog langer advocaat blijven?

Het zijn dit soort essentiële vragen die aandacht verdienen, zeker voor diegenen die vinden dat het beroep van advocaat nog relevantie heeft. U hoort nog van mij.

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Bekijk alle artikelen

5 reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  • Meester Lamon heeft gelijk, de mentale instelling en deontologie van advocaat en notaris zijn zo verschillend, dat het onzindelijk en onwenselijk is om deze in één vennootschap/maatschap te verenigen, ook dat heeft het Nederlandse model al bewezen. Beide beroepen moeten hun vrijheid van typisch handelen kunnen behouden, zonder interne belangenconflicten.

  • fundamentele waarden gaan op de schop;
    is Hugo Lamon de roepende in de woestijn ? Ik hoop het niet.

  • “Hippe marketingpraatjes en een idolatrie ten aanzien van de gadgets van de artificiële intelligentie en de digitalisering lijken de nieuwe ordewoorden te zijn”

    Inderdaad: blijkbaar is tegenwoordig “digitalisering” een synoniem van “verbetering”. Verder na- of vooruitdenken hoeft blijkbaar niet meer.

    “Vroeger” was digitalisering een hulpmiddel, nu is het een doel op zich geworden (en verre van mij om het nut van dat hulpmiddel te betwisten: ik heb nog met mechanische typemachines gewerkt, en wil zeker niet terug !).

  • dank voor dit schitterend opiniestuk. tijd om inderdaad eens achterom te kijken en fundamentele waarden terug in de kijker te zetten.

  • Ik kijk al uit naar de publicatie over deze problematiek die mij nauw aan het hart ligt en ik hoop dat mr.Lamon ons niet lang laat wachten om nog van hem te mogen horen.
    De BPA kondigt met veel tromgeroffel aan dat men de naleving van de deontologie strenger zal bewaken.
    ik wacht al 40 jaar en heb al talloze beloftes gekregen dat men het dit keer beter ging doen maar….
    Ons beroep zou het mooiste zijn dat er bestaat als iedereen de spelregels zou naleven maar slechts weinigen beseffen dit blijkbaar.