Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Op 10 december tekenden 160 Franstalige advocaten, die zichzelf specialisten in vreemdelingenrecht noemen, een gezamenlijk opiniestuk in de krant La Libre Belgique (“Nous sommes tous de mauvais avocats”). Ze werden hierin gesteund door 10 stafhouders en “le président d’avocats.be”. Ze hekelen de volgens hen onduidelijke criteria die gelden voor de regularisatie van ‘sans papiers’. Ze spreken van een ‘vogelpik’-procedure, waarbij de bevoegde administratie en staatssecretaris beschikken over “une liberté totale d’appréciation en fonction des circonstances”.

Blijkbaar zou de bevoegde ambtenaar van de dienst vreemdelingenzaken (volgens de ondertekenaars) op 17 juli een interview hebben gegeven, waarin die stelde dat er weldegelijk criteria zijn en de “goede advocaten” die wel kennen. De 160 ondertekenaars leiden daaruit af dat ze zelf slechte advocaten zijn die van niets weten (“nous pouvons, tout au plus, deviner ces critères, mais nous les connaissons pas”). Het staat advocaten natuurlijk vrij om vanuit een ideologische gedrevenheid hun visie met de rest van de wereld te delen. Dat ook de voorzitter van de Franstalige advocatenorde zonder enig voorbehoud dat pamflet tekent, en daarmee ook alle Franstalige advocaten bindt, is bijzonder.

Wie in ons land advocaat wil worden, is verplicht lid van een lokale orde en die laatste is dan weer een onderdeel van een communautaire orde. Advocaten moeten zich dus ook kunnen herkennen in de standpunten van de voorzitter van de club waar ze verplicht toe behoren indien ze hun beroep willen uitoefenen. Bij de Orde van Vlaamse Balies is het een traditie dat de voorzitters zich ervoor hoeden om zich in al te zeer in ideologische debatten te mengen en dat is maar goed ook. In alle politieke partijen (regerings-en oppositiepartijen van allerlei slag) zijn vaak zeer prominent advocaten actief en voor zover ze de principes van de democratische rechtsstaat onderschrijven moeten ze zich allemaal ook in hun voorzitter kunnen herkennen. Het valt overigens niet te verwachten dat Peter Callens, voorzitter van de OVB, klakkeloos een dergelijk opiniestuk van zelfverklaarde slechte advocaten zou ondertekenen.

Een dag later verscheen in dezelfde krant een nieuw opiniestuk, ditmaal ondertekend door 120 advocaten die zich specialisten publiek recht noemen, ditmaal gesteund door 8 stafhouders en – alweer – de voorzitter van avocats.be. Er wordt uitgehaald naar de minister van Binnenlandse Zaken, omdat haar kabinet blijkbaar aan het broeden is op een hervorming van de Raad van State. De ondertekenaars zijn onthutst dat zij niet van bij het begin betrokken zijn bij de reflectie, al verraadt hun opiniestuk dat ze toch blijkbaar over informatie beschikken die alvast velen onbekend is.

Nauwelijks 20 jaar geleden werd de balie niet of nauwelijks betrokken bij het beleidsvoorbereidend werk en konden de advocatenordes pas kennis krijgen van de ontwerpen wanneer ze in het parlement werden neergelegd. De afgelopen jaren slaagde de advocatuur erin om, eerst via discreet lobbywerk, eerder een voet tussen de deur te steken en nu wordt hun expertise steeds vaker in een vroege fase ingeschakeld. De slinger lijkt wel wat doorgeslagen indien de minister nu wordt verweten dat de balie onwetend wordt gehouden bij de allereerste politieke reflecties (“malgré des demandes renouvelées, il est privé d’accès au projet à l’étude”). Heeft de voorzitter van avocats.be wat last van hubris of is zijn lobbywerk verkeerd uitgedraaid? Overigens wordt toch wel vaak rekening gehouden met gefundeerde adviezen van de advocatenordes, wanneer ze zich tenminste aan hun rol houden en niet vervallen in dogmatische stellingenoorlogen.

Het assisenhof van Antwerpen heeft deze week beslist om het proces van Steve Baekelmans achter gesloten deuren te laten plaatsvinden. In de afweging tussen de essentiële openbaarheid van de zitting (fundamenteel voor een eerlijk proces) en het al even legitieme respect voor de bescherming van de privacy van slachtoffers en hun nabestaanden (zeker in het geval van gruwelijke feiten) werd uitzonderlijk voor dit laatste geopteerd. De minister van Justitie gedroeg zich als een staatsman toen hij voorafgaandelijk aan de uitspraak in de tv-studio van de Zevende Dag geen commentaar gaf en eraan herinnerde dat het enkel aan de rechter toekwam om daarover te oordelen. Het zullen hier dus niet de advocaten maar de media zijn die van niets zullen weten, al valt het te hopen dat die media nu ook niet gaan trachten nog allerhande scoops in de coulissen te vergaren. We leven in een samenleving waarin opgelegde onwetendheid als ondraaglijk wordt ervaren. Maar ook democratie heeft soms nood aan wat luwte, zowel op politieke kabinetten als in zittingszalen. Misschien ook zelfs in de cenakels van advocatenordes.

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.