Rechtuit

Abnormale justitie

Avatar
Geschreven door Hugo Lamon

LAMON op woensdag

Mr. Hugo LAMON is advocaat aan de balie Limburg (LAMON LAW).
Hij mengt zich regelmatig in het maatschappelijk debat over justitie.

Iedere woensdag maakt hij op Jubel een persoonlijke beschouwing.

Net voor de kerstvakantie publiceerde de Hoge Raad voor de Justitie het “bijzonder onderzoek naar het dossier Steve Bakelmans”. Aanleiding voor dit verslag was de maatschappelijke commotie rond de moord op  de 23-jarige Julie Van Espen, die in mei van dit jaar vermoord werd teruggevonden in het Albertkanaal. De kranten waren duidelijk: “Antwerps gerecht ging in de fout met dossier moordenaar Julie Van Espen” (De Standaard), of nog: “Hoge Raad snoeihard voor Antwerps gerecht: Dossier Bakelmans is veel te lang in de kast blijven liggen” (Gazet van Antwerpen). De kop van De Morgen was al even helder: “Rapport over zaak Julie Van Espen erg scherp: rechtbank maakte verschillende fouten”, waar verder te lezen valt: “Het hof van beroep in Antwerpen heeft naar aanleiding van de moord op Julie Van Espen haar interne werking al doorgelicht en aangepast, ongeacht het nog bestaande personeelstekort. Dat zegt het hof in een reactie op het rapport van de Hoge Raad voor de Justitie (HRJ)”.

De Hoge Raad stelt vast dat de volledige procedure voor het hof van beroep in Antwerpen bijna 23 maanden duurde en concludeert (op p. 35): “De totale termijn voor de behandeling van de zaak Steve Bakelmans op het niveau van het hof van beroep is abnormaal lang”.

Dit weekend herinnerde Rik Van Cauwelaert in zijn wekelijke column ‘Paleis der Natie’ (De Tijd, 21 december)  aan de afhandeling van de fraudezaak rond Lernout & Hauspie Speech Products voor  het hof van beroep te Gent. Van Cauwelaert verwijst naar een mededeling van de eerste voorzitter van het hof van beroep in Gent, van wie hij vernam dat er ten vroegste in de tweede helft van 2020 een uitspraak kan worden verwacht over de burgerlijke belangen. “Lernout & Hauspie ging in 2001 failliet. Het zal dus 19 jaar hebben geduurd voor de gedupeerden – en dat zijn er nogal wat – weten waarop ze recht hebben. En let wel, ook tegen dat arrest is cassatieberoep mogelijk”.  Hoe zou de Hoge Raad dit omschrijven: nog abnormaal langer?

Bij aanvang van het nieuwe gerechtelijk jaar op 2 september verklaarde de eerste voorzitter van het hof van beroep van Brussel dan weer dat volgens een “virtuele projectie van de pleitdata” sommige dossiers daar in 2032 zullen gepleit worden (zonder zekerheid van een einduitspraak). Let wel, het gaat dan enkel om de doorlooptijd in graad van beroep. Is dat dat nog abominabeler langer?

Eerder deze maand kwam er een gezamenlijk persbericht van de drie hoogste rechtscolleges (het Hof van Cassatie het Grondwettelijk Hof en de Raad van State). Die noodkreet kreeg relatief weinig aandacht, maar leest u even mee: “Er is zoveel bespaard inzake werking en personeel en zo weinig geïnvesteerd, bijvoorbeeld inzake informatica, dat er nauwelijks nog op een kwaliteitsvolle manier tijdig recht kan worden gesproken”. Samengevat: wie als rechtzoekende abominabel lang wachtte, heeft geen enkele garantie dat er ook “op een kwaliteitsvolle manier”  recht is gesproken. Is dat dan nog abominabeler abominabel? Het verslag van de Hoge Raad maakt alvast duidelijk dat het om meer gaat dan enkel maar een gebrek aan financiële middelen. Er worden op alle niveaus fouten weerhouden, maar het is maar de vraag of die specifiek zijn voor de onderzochte zaak. Is er niet meer aan de hand en moet er niet breder worden nagedacht over de rol van het recht spreken in de moderne samenleving?

In een interview met De Standaard (21 december) zegt de Procureur des Konings van Antwerpen dat voor hem de klemtoon niet ligt op bestraffen, maar op “het zoeken van een duurzame oplossing”. Hij was vol lof over een assisenzaak waarin de verdediging, de burgerlijke partij en het openbaar ministerie erin geslaagd waren “om elkaar te vinden in de strafvordering”.  Dus: een justitie zonder (zittende) rechters, of is dat een wat voorbarige conclusie?

En wat te denken over al die burgerlijke en commerciële zaken die wanneer ze worden behandeld hun maatschappelijke relevantie hebben verloren? De wetgever wijzigde vorig jaar art. 444 Ger.W. en advocaten zijn nu verplicht hun cliënten te informeren over de mogelijkheid van “bemiddeling, verzoening en elke andere vorm van minnelijke oplossing van geschillen”.  En voor wie het nog niet duidelijk zou zijn: indien de advocaat van mening is dat “een minnelijke oplossing van het geschil kan overwogen kan worden” moet hij trachten “dat in de mate van het mogelijke te bevorderen”. Anders is het misschien wachten tot 2032.

Hugo LAMON

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Het boek ‘Jubelende Justitie’ is vanaf nu verkrijgbaar.
In onderstaande video geeft meester Lamon extra toelichting.

1 Comment

  • Wat is de waarde van een rechtstaat als recht niet meer geschiedt binnen een normale tijdsbestek of zelfs binnen een mensenleven?
    Wat is de waarde van een democratie als de politici de werking ervan vanbinnenuit saboteren ?

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.