Jubel Talks II WVV-2

Rik Deblauwe

Rik Deblauwe

Vroeger advocaat en nu wetenschappelijk adviseur bij Tiberghien Advocaten.

Auteur van o.a. Inleiding tot de Successierechten (2013), Het Recht van terugkeer of de anomale erfopvolging (2014), Inleiding tot de Vlaamse Registratiebelasting (2017) en Inleiding tot de Vlaamse Erfbelasting (nieuwe editie 2019) alle uitgegeven bij KnopsPublishing.

Vakgebieden: Vlaamse registratie- en successiebelasting, erfrecht.

Bij decreet van 19 december 2014 tot wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 29 januari 2015, werd het Wetboek van Successierechten geïntegreerd in de Vlaamse Codex Fiscaliteit.

Het is het gevolg van een hele evolutie in onze staatshervorming. Eerst werden beperkte bevoegdheden aan de gewesten toegekend om de wetgeving te wijzigen, daarna werden deze uitgebreid en tot slot nam Vlaanderen de heffing zelf in handen, de zogenaamde ‘dienst’ van de belasting, zoals dat heet in de officiële terminologie.

De Vlaamse regering wilde alle belastingen die ze zelf int in één wetboek onderbrengen, de Vlaamse Codex Fiscaliteit, en dit werd nu dus ook verwezenlijkt.

De terminologie verandert: er is nu niet langer sprake van successierecht (voor Rijksinwoners) en recht van overgang (voor niet-Rijksinwoners). De verzamelterm is voortaan ‘erfbelasting’, zoals in Nederland.

Ook de indeling is nu heel anders. In titel I staan een aantal definities: wat is een belastingplichtige en wat is het verschil met een belastingschuldige? Wat verstaat men onder kinderen, wat is een gehandicapt kind of een gehandicapte persoon, een partner? Wat is de beurswaarde van iets?

Deze definities zijn soms van toepassing doorheen het hele wetboek en soms alleen voor de erf- en schenkbelasting (dit is het vroegere registratierecht op schenkingen).

De artikelen zijn niet doorlopend genummerd, maar ze hernemen de plaats in het wetboek waar ze opgenomen zijn. Zo is het vroegere artikel 5 W. Succ. nu artikel 2.7.1.0.4 VCF, in Titel 1 (belastingheffing), Hoofdstuk 7 (Erfbelasting), Afdeling 1 (Belastbaar voorwerp).

Formelere procedure

De grondslag en de tarieven zijn niet zoveel gewijzigd: dat was ook uitdrukkelijk de bedoeling niet, volgens de memorie van toelichting1. Wat wel gewijzigd is, is de procedure. Vroeger was deze nogal informeel: de verschuldigde rechten werden berekend op zicht van een aangifte van nalatenschap en 2 maanden nadien moest men de belasting betalen. De ontvanger stuurde een betalingsbericht, maar daar was zelfs geen wettelijke basis voor: het was eerder een soort welwillendheid vanwege de fiscus.

Voortaan zal dat anders zijn: de aangifte moet naar een centraal punt gestuurd worden, in Aalst, namelijk:

Vlaamse Belastingdienst – Erfbelasting

Vaartstraat 16

9300 AALST

Er is ook een nieuw modelformulier voor de aangifte na overlijden gepubliceerd, dat u hier vindt. Dit modelformulier is verplicht te gebruiken, zo vermeldt het Besluit van de Vlaamse Regering.

U mag daarna wachten met betalen tot u een aanslagbiljet krijgt, zoals bij de inkomstenbelasting: de belasting wordt immers ‘ingekohierd’, wat etymologisch niet meer betekent dan: ingeschreven in een boek, maar in fiscalibus wijst op een formele vaststelling van de belastingschuld, waarna de belasting invorderbaar is.

Tegen die aanslag kan men dan in bezwaar gaan, en daarna naar de rechtbank; een bezwaar of gerechtelijke procedure schort de betalingstermijn echter niet op.

De procedure is dus nu zeer formeel geworden.

Belangrijk is wel dat de boeten nu sterk verhoogd zijn, bij te late indiening van de aangifte. Vroeger bedroeg die 25 EUR per erfgenaam per maand vertraging, nu is er een belastingverhoging bij te late indiening van 5% vanaf dag 1 tot en met de laatste dag van maand 5, daarna 10% tot de laatste dag van maand 11, 15% tot maand 17 en 20% daarna. Men kan wel uitstel vragen, maar zelfs als men uitstel gekregen heeft, bedraagt de boete nog altijd 1%, 5%, 7,5% en 10%, voor dezelfde periodes.

Wat met de vroegere rulings?

De rulings zullen gerespecteerd worden, beloofde de Vlaamse Minister Annemie Turtelboom in haar beleidsverklaring2:

Ik  wil  in  ieder  geval  nu  ook  al  enige  potentiële  onzekerheid  wegnemen aangaande rulings uit het verleden. Overeenkomstig de wet van 24 december 2002 die het systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken heeft ingevoerd, kan de Dienst Voorafgaande Beslissingen beslissingen nemen met een geldigheidsduur van maximum vijf jaar behoudens bijzondere gevallen. Als het Vlaamse Gewest op 1 januari 2015 de inning van de successie- en registratierechten overneemt, dan zullen de rulings die bestonden, automatisch en geleidelijk aan uitdoven. De Vlaamse Belastingdienst zal de op 1 januari 2015 geldende beslissingen respecteren, voor zover de grondslag ervan niet door de incorporatie in de VCF verwijderd is. Pacta sunt servanda. Daar ga ik van uit. Omwille van de rechtszekerheid voor de belastingplichtige, de dienstverlening en de gerechtvaardigde verwachtingen inzake de continuïteit van bestuur en dienstverlening, lijkt het mij het enige juiste standpunt dat we kunnen innemen.

Maar vanaf 1 januari 2015 kunnen er in principe geen rulings meer worden aangevraagd, maar de mogelijkheid dat in de toekomst opnieuw een decretale basis wordt gecreëerd voor het afleveren van Rulings, is niet uitgesloten. De minister verklaarde in dat verband:

Rechtszekerheid verstrekken aan burgers en belastingplichtigen is belangrijk. Recent is in dat verband in het Vlaams Parlement reeds de vraag besproken of Vlaanderen een eigen rulings- en bemiddelingsdienst nodig heeft. Tot op heden lijkt de noodzaak voor de oprichting van een afzonderlijke rulingdienst niet te bestaan aangezien er onvoldoende schaalgrootte voor dergelijke dienst zou zijn. […] Bij de integratie van de regelgeving inzake de erf- en registratiebelasting in de VCF heb ik daarom in eerste instantie niet de intentie om de desbetreffende bepalingen uit de federale wetgeving aangaande de rulings- en bemiddelingsdienst over te nemen. […]

Inzake de voorafgaande fiscale beslissingen, de ruling, zal ik er eveneens op toezien of het juridische kader van de Vlaamse Codex Fiscaliteit – waarin geen rulingdienst voorzien is – voldoende garanties biedt om de nieuwe uitdagingen aan te gaan en voor voldoende rechtszekerheid t.a.v. de belastingplichtigen te zorgen. Als  de maatschappelijke nood tot  meer rechtszekerheid naar boven komt, dan zal ik een rulingcommissie inrichten, zowel in het belang van de belastingbetaler als van de Vlaamse overheid zelf, voor wie een correcte, niet- bediscussieerde, transparante belastingzetting van even grote waarde is.

Inmiddels is ook het besluit van de Vlaamse regering van 19 december 2014 gepubliceerd, ‘tot wijziging van het besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit van 20 december 2013 en diverse andere bepalingen in het licht van de overname van de dienst van de registratie- en erfbelasting’3.

Daarin staat o.m. de nieuwe, vrij ingewikkelde procedure voor de inbetalinggeving van kunstwerken (art. 34 e.v. van het besluit).

Voor de Brusselse en Waalse erfenissen verandert er in principe niets: als de erflater dus zijn fiscale woonplaats (d.i. waar hij langst woonde in de laatste vijf jaar voor het overlijden) in Brussel of Wallonië had, dan moet de aangifte nog altijd ingediend worden volgens de vroegere regels, op het bevoegde ontvangkantoor van de successierechten.

Deze tekst werd eerder gepubliceerd op www.lexfin.be en is een aanvulling op de Inleiding tot de Vlaamse Erfbelasting

1 ‘De materieelrechtelijke bepalingen werden in beginsel niet gewijzigd, doch voornamelijk aangepast aan de structuur van de VCF en taalkundig gestroomlijnd.’, M.v.T, stuk 114 (2014-2015), nr. 1, p. 4.

2 Parlementaire stukken, Stuk 150 (2014-15) nr. 1, ingediend op 27 oktober 2014.

3 BS 22 januari 2015.

Rik Deblauwe

Rik Deblauwe

Vroeger advocaat en nu wetenschappelijk adviseur bij Tiberghien Advocaten.

Auteur van o.a. Inleiding tot de Successierechten (2013), Het Recht van terugkeer of de anomale erfopvolging (2014), Inleiding tot de Vlaamse Registratiebelasting (2017) en Inleiding tot de Vlaamse Erfbelasting (nieuwe editie 2019) alle uitgegeven bij KnopsPublishing.

Vakgebieden: Vlaamse registratie- en successiebelasting, erfrecht.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.