De participatieve en deliberatieve democratie zijn toe aan een grondwettelijke verankering cover

20 feb 2024 | Column

De participatieve en deliberatieve democratie zijn toe aan een grondwettelijke verankering
  • Eric Lancksweerdt

    Eric Lancksweerdt is sinds 1983 licentiaat in de rechten. Hij was meer dan 25 jaar magistraat in de Raad van State, waar hij achtereenvolgens auditeur, eerste auditeur en eerste auditeur-afdelingshoofd werd. Bij de Raad van State behandelde hij (onder andere) talloze dossiers op het vlak van milieu- en ruimtelijke ordening. Als magistraat verwierf hij een zeer grondige praktische kennis van het bestuursrecht en omgevingsrecht. Eric Lancksweerdt werd in 2009 doctor in de rechten met een proefschrift over burgerparticipatie op het lokale bestuursniveau.

Recente vacatures

Advocaat
Ondernemingsrecht Vennootschapsrecht
3 - 7 jaar
Antwerpen Limburg Vlaams-Brabant Waals-Brabant
Advocaat
Ondernemingsrecht Vennootschapsrecht
0 - 3 jaar
Antwerpen Limburg Vlaams-Brabant Waals-Brabant
Advocaat
Douane
0 - 3 jaar
Antwerpen
Paralegal
Arbeidsrecht Vennootschapsrecht
0 - 3 jaar
Brussel
Advocaat
Arbeidsrecht
5 - 10 jaar
Brussel

Aankomende events

In het regeerakkoord van 2020 van de regering-De Croo staat te lezen dat we het vertrouwen in de politiek moeten herstellen door democratische vernieuwing. Meer rechtstreekse participatie van burgers in de politieke besluitvorming ziet men als een weg daartoe. Volgens het regeerakkoord wil men de grondwet en de wetgeving moderniseren om de democratie, de rechtsstaat en de grondrechten te versterken. In een verslag van 2021 van de commissie voor democratische vernieuwing van de senaat treft men een reeks aanbevelingen en vaststellingen aan om ons democratisch systeem te moderniseren, door de representatieve democratie aan te vullen met meer burgerparticipatie. Aan deze burgerparticipatie moet een stevige institutionele verankering worden gegeven. Uit beide documenten blijkt de politieke wil om de participatieve en de deliberatieve democratie stevig juridisch te omkaderen. Een grondwettelijke verankering maakt daarvan deel uit.

Geen sprake van deliberatieve democratie in huidige Grondwet

Waarom is zo’n grondwettelijke verankering van de participatieve en de deliberatieve democratie wenselijk? De grondwetgever koos voor een stelsel van representatieve democratie. De leden van de Kamers vertegenwoordigen de Natie. De bevolking kiest haar vertegenwoordigers. Deze oefenen op een vrije manier hun mandaat uit. Dat is een ietwat wereldvreemde juridische fictie, want in de praktijk blijken verkozen politici wel degelijk open te staan voor de desiderata van burgers. Komt daarbij dat de representatieve en de deliberatieve democratie met de loop der jaren feitelijk gezien aan een stevige opmars bezig zijn, en dat er bovendien heel wat regelgeving tot stand kwam om deze juridisch te vorm te geven.

De grondwet, waarin omzeggens geen sprake is van participatieve en deliberatieve democratie, weerspiegelt dus geenszins de realiteit, hoewel dat toch wel zou mogen verwachten

De grondwet, waarin omzeggens geen sprake is van participatieve en deliberatieve democratie, weerspiegelt dus geenszins de realiteit, hoewel dat toch wel zou mogen verwachten. In de democratietheorie wordt er al langer voor gepleit om de democratie te beschouwen als een soort overkoepelend systeem dat op drie pijlers berust: representatie, participatie, en deliberatie. De democratie is een regeringsvorm die erop is gericht om legitimiteit te verschaffen aan door de overheid genomen beslissingen. Die legitimiteit steunt op de wil van (de meerderheid) van de bevolking, maar de dag van vandaag volstaat dit niet langer om het gezag van overheidsbeslissingen voetstoots te aanvaarden. Legitimiteit berust ook op wat maatschappelijke spelers inbrengen via burgerparticipatie en deliberatie.

Een parlementaire bespreking over de aanpassing van onze grondwet, is voor politici een uitgelezen gelegenheid om grondig te reflecteren over politiek, democratie en de wijze van politieke besluitvorming

Grondwetswijziging?

Een parlementaire bespreking over de aanpassing van onze grondwet in het licht van de zich ontvouwende participatieve en deliberatieve democratie, is voor politici een uitgelezen gelegenheid om grondig te reflecteren over politiek, democratie en de wijze van politieke besluitvorming. Onze democratie is duidelijk in transitie. Dan is het cruciaal het maatschappelijk en politiek gesprek te voeren over de vraag welke democratische innovaties wij willen, en op welke wijze zij hun neerslag moeten krijgen in de grondwet. Daarbij moet de aandacht zeker uitgaan naar het in vraag stellen van het grondwettelijk principe dat de soevereiniteit uitgaan van de Natie, en niet van het volk. Het is zeer de vraag of deze soevereiniteitsopvatting – en misschien zelfs de notie ‘soevereiniteit’ als zodanig – nog houdbaar is in de huidige tijd. Verder is het wenselijk enkele goed af te bakenen, vrij gemakkelijk te formaliseren vormen van burgerparticipatie en deliberatie, grondwettelijk te verankeren en de grote principes ervan in onze juridische basisakte vast te leggen, alsook de afdwingbaarheid ervan te verzekeren. Te denken valt aan het recht van burgers om een punt op de agenda van een verkozen vergadering te laten zetten, of het recht om een burgerpanel te organiseren over een bepaald thema. Uiteraard kan men hieraan voorwaarden koppelen, zoals het verzamelen van voldoende handtekeningen. Ten slotte, maar niet in het minst, is de tijd rijp om de senaat te hervormen. Een van de pistes bestaat erin dat men van de senaat een assemblee maakt die is samengesteld uit via loting geselecteerde burgers, al of niet samen met verkozen politici. Een andere optie is om van de senaat een experimenteerruimte te maken voor nieuwe vormen van burgerparticipatie.

De concrete grondwettelijke verankering van de participatieve en de deliberatieve democratie vergt een drastische ingreep in tal van grondwettelijke bepalingen

Naar een concrete grondwettelijke verankering van de participatieve en de deliberatieve democratie

De concrete grondwettelijke verankering van de participatieve en de deliberatieve democratie vergt een drastische ingreep in tal van grondwettelijke bepalingen. Het zou te ver leiden om ze hier allemaal op te sommen en te preciseren waaruit de wijziging kan bestaan. We pikken er bij wijze van voorbeeld slechts enkele uit. Artikel 1 kan aangeven dat België een democratische rechtsstaat is, die zowel representatief, participatief als deliberatief is. In artikel 7bis kan men bepalen dat de federale staat, de gemeenschappen en de gewesten bij de uitoefening van hun bevoegdheden streven naar betrokkenheid en participatie van particuliere actoren. Artikel 23bis, dat betrekking heeft op de economische, sociale en culturele rechten, die men als programmatorische bepalingen moet kwalificeren, kan men aanvullen met een algemeen recht op deelname aan de politieke besluitvorming via burgerparticipatie en deliberatie. In artikel 28 treft men het recht aan om verzoekschriften in te dienen. Deze bepaling kan men aanvullen met andere, vrij goed te formaliseren participatievormen, zoals het burgerinitiatief om een punt aan de agenda van verkozen vergaderingen toe te voegen, de volksraadpleging, of bepaalde vormen van deliberatieve democratie, zoals burgerpanels. In artikel 33 moet men opteren voor een ander soevereiniteitsconcept. De artikelen 67 tot en met 73 hebben betrekking op de senaat. Zoals gezegd is de tijd rijp voor een fundamentele hervorming van deze assemblee. Tenslotte kan men de grondwet laten voorafgaan door een preambule. Die kan onder meer inhoud geven aan concepten als politiek leiderschap en burgerschap.

Prof. dr. Eric Lancksweerdt, hoofddocent UHasselt

Wie meer wil weten over het actualiseren van de grondwet in het licht van democratische vernieuwing kan volgende publicatie raadplegen: Eric Lancksweerdt, “Naar een grondwettelijke verankering van de participatieve en de deliberatieve democratie”, Tijdschrift voor bestuurswetenschappen en Publiekrecht, 2023/10, 676-687.

  • Eric Lancksweerdt

    Eric Lancksweerdt is sinds 1983 licentiaat in de rechten. Hij was meer dan 25 jaar magistraat in de Raad van State, waar hij achtereenvolgens auditeur, eerste auditeur en eerste auditeur-afdelingshoofd werd. Bij de Raad van State behandelde hij (onder andere) talloze dossiers op het vlak van milieu- en ruimtelijke ordening. Als magistraat verwierf hij een zeer grondige praktische kennis van het bestuursrecht en omgevingsrecht. Eric Lancksweerdt werd in 2009 doctor in de rechten met een proefschrift over burgerparticipatie op het lokale bestuursniveau.

Recente vacatures

Advocaat
Ondernemingsrecht Vennootschapsrecht
3 - 7 jaar
Antwerpen Limburg Vlaams-Brabant Waals-Brabant
Advocaat
Ondernemingsrecht Vennootschapsrecht
0 - 3 jaar
Antwerpen Limburg Vlaams-Brabant Waals-Brabant
Advocaat
Douane
0 - 3 jaar
Antwerpen
Paralegal
Arbeidsrecht Vennootschapsrecht
0 - 3 jaar
Brussel
Advocaat
Arbeidsrecht
5 - 10 jaar
Brussel

Aankomende events

Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

0 Reacties

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.