Heropleving van het metajuridisch rechtsonderwijs cover

7 sep 2026 | Column

Heropleving van het metajuridisch rechtsonderwijs

Recente Jobs

Dossierbeheerder
sociaal recht
0 - 3 jaar
Vlaanderen
Auditor
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen
Estate planning manager
Estate Planning
5+ jaar
Oost-Vlaanderen
Transfer pricing manager
Fiscaal recht
5+ jaar
Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant
Tax manager
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen

​Aan de Vlaamse universiteiten wordt uitstekend rechtsonderwijs gegeven. Dat erken ik graag en zonder voorbehoud. Maar kwaliteit alleen volstaat niet wanneer een opleiding haar eigen horizon te eng houdt. Daarom wil ik deze maand een kritische blik werpen op de plaats van het metajuridische binnen onze rechtsfaculteiten, een domein dat, ondanks zijn onmiskenbare belang, te vaak in de marge wordt geduwd.

Mijn collega‑columnist bij Jubel, Pierre Thiriar, formuleerde het onlangs bijzonder scherp: universiteiten staan steeds meer onder druk om efficiëntie, meetbaarheid en publicatiecijfers centraal te stellen, waardoor men dreigt te vergeten waar goed juridisch onderwijs werkelijk om draait. Het recht is geen verzameling regels die men louter moet reproduceren; het is een intellectuele discipline die jonge juristen moet leren nadenken, argumenteren, analyseren en oordelen in een complexe samenleving.

Pierre benadrukte terecht dat onze Vlaamse rechtsfaculteiten niet hoeven onder te doen voor de grote Angelsaksische law schools. De sterke verwevenheid tussen praktijk en academie, met tal van advocaten, magistraten en notarissen die doceren en onderzoek verrichten, is een waardevol kenmerk van ons systeem. Maar dat is geen uniek onderscheidend criterium: ook elders in continentaal Europa is die verwevenheid aanwezig.

Mijn eigen kritische punt ligt elders. Afgelopen maand proefde ik van de Angelsaksische onderwijscultuur. Ik trok voor een summerschool naar Oxford University, waar ik studeerde over de filosofie van bestraffing. Ik zat er in een kleine groep met een Indiase advocate, een Amerikaanse professor‑criminoloog en een Indiaas‑Britse journalist. Onze docent, een erg bekwame doctorandus, leidde ons door de grote denkers van het strafrecht, maar vooral door de grote vragen die het recht stelt.

Waar ik zelf een progressieve visie hanteer, botste ik op uitgesproken conservatieve perspectieven uit India. Die confrontatie was geen botsing, maar een verrijking. Omdat iedereen bereid was te luisteren, te vragen, te twijfelen. Het waren uren van pure reflectie, waarin het recht niet werd bestudeerd als systeem, maar als menselijke praktijk met maatschappelijke gevolgen.

​Het waren uren van pure reflectie, waarin het recht niet werd bestudeerd als systeem, maar als menselijke praktijk met maatschappelijke gevolgen

Ik heb heimwee naar de uren die we spendeerden aan reflecteren over het recht. Ik mis dit aan onze Vlaamse universiteiten. We hebben werkcolleges, maar die zijn doorgaans gericht op de praktische toepassing van het positief recht. Dat is waardevol, maar het is niet genoeg. Wat ontbreekt, is een structurele ruimte voor diepgaande reflectie, argumentatie en filosofische verkenning.

Onze universiteiten leveren elk jaar briljante juristen af. Maar ik ben ervan overtuigd dat er nog veel meer potentieel kan worden aangeboord wanneer studenten, onderzoekers, praktijkassistenten en professoren elkaar intellectueel uitdagen, waardoor kruisbestuiving een ingebouwde onderwijsvorm wordt.

​Daarom pleit ik voor meer en betere inzet van reflectiecolleges

Daarom pleit ik voor meer en betere inzet van reflectiecolleges. Waar men leert redeneren, filosoferen, twijfelen, en vooral de maatschappelijke impact van rechtsregels leert doorgronden. Interdisciplinariteit is een absolute noodzaak in onze hedendaagse complexe maatschappij. Het stemt me gelukkig te zien dat hiervoor steeds meer aandacht komt in onze universiteiten.

Aan Vlaamse universiteiten, en eigenlijk ruimer binnen een groot deel van continentaal Europa, ligt de nadruk van de rechtenopleiding bij het verwerken van positief recht. In zekere mate is dat belangrijk. Een grondige studie van de grondbeginselen en centrale lijnen van de verschillende rechtstakken is noodzakelijk. Toch heb ik het gevoel dat we ons soms durven verliezen in dat positief recht.

Ik herinner me een dag aan het Hof van Cassatie, samen met enkele bijzonder snuggere studenten. Onze taak was een beslechtte zaak te bestuderen en tot een arrest te komen. Wat me trof, was hoe het Hof soms nood heeft aan een inductieve toepassing van het recht, een inzicht dat pas echt binnensijpelt wanneer men met de voeten in het beraad staat.

Voor veel studenten klinken de termen ‘inductieve en deductieve toepassing van het recht’ nieuw in de oren. Dat is jammer. Het zijn kernmethoden van juridische oordeelsvorming. Het kan toch niet zijn dat we deze fundamenten onderwaarderen omdat we ons verliezen in een te gedetailleerde studie van het positief recht?

Laat ons opnieuw durven focussen op kritisch redeneren, argumenteren en maatschappelijke impact. Meer diversiteit en pluraliteit over de landsgrenzen heen, verzameld op het forum dat de universiteit dient te bieden. Laat ons het metajuridische niet zien als een luxe, maar als een noodzakelijke voorwaarde voor goed recht. En laat ons zo het verborgen talent dat in onze rechtsfaculteiten rondloopt, nog meer naar boven halen.

​​​Nuno Daneel

Recente Jobs

Dossierbeheerder
sociaal recht
0 - 3 jaar
Vlaanderen
Auditor
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen
Estate planning manager
Estate Planning
5+ jaar
Oost-Vlaanderen
Transfer pricing manager
Fiscaal recht
5+ jaar
Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant
Tax manager
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen

Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

0 Reacties

0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *