John Maes

John Maes is advocaat strafrecht bij advocatenkantoor Metis te Antwerpen. Hij studeerde in 1990 af als licentiaat in de rechten (met grote onderscheiding) en begon zijn professionele loopbaan als aspirant assistent strafrecht (1990-1991). In zijn huidige functies is hij onder meer werkzaam als afgevaardigde van de Antwerpse balie bij de Orde van Vlaamse Balies (OVB) en als voorzitter van de commissie strafrecht bij de OVB. Daarnaast gebruikt hij zijn vakkennis als expert strafrecht namens België in het Criminal Law Committee van de CCBE. Hij is eveneens actief als docent strafprocesrecht van de advocaten-stagiairs van Antwerpen, Mechelen en Turnhout. Als auteur heeft John Maes meerdere publicaties inzake strafrecht op zijn naam staan.

Krachtens artikel 203, § 1, eerste lid, Wetboek van Strafvordering vervalt het recht van hoger beroep van een beklaagde indien de verklaring van hoger beroep niet is gedaan uiterlijk dertig dagen na de uitspraak van het vonnis.

Artikel 204 Wetboek van Strafvordering bepaalt dat een beklaagde op straffe van verval van het hoger beroep binnen deze termijn van 30 dagen evenzeer een grievenschrift moet indienen, dat nauwkeurig de grieven bevat die tegen het vonnis worden ingebracht.

Volgens de wil van de wetgever dient het appelgerecht, behoudens overmacht, in beginsel het hoger beroep vervallen te verklaren indien een beklaagde heeft nagelaten tijdig dit grievenschrift in te dienen.

Een gedetineerde zonder raadsman, die in de gevangenis hoger beroep aantekent en niet behoorlijk wordt ingelicht over deze bijkomende verplichting, zou hierdoor zijn beroep teloor zien gaan, op grond van deze formele verplichting van de wetgever.

Het Hof van Cassatie heeft in haar arrest van 20/10/2020 gesteld dat dit in strijd is met artikel 6.1 EVRM en het door die bepaling gewaarborgde recht van toegang tot de rechter met inbegrip van het daaruit afgeleide recht van de toegankelijkheid en de daadwerkelijkheid van een rechtsmiddel.

Het hoger beroep mag in die omstandigheden niet vervallen worden verklaard zonder vast te stellen dat de beklaagde betreffende die verplichting op enige wijze was ingelicht dan wel bijstand van een raadsman genoot.

Het Hof, in navolging van de rechtspraak van het Europees Hof, laat terecht het overdreven formalisme afwezig ten gunste van de niet geïnformeerde beklaagde.

John Maes

John Maes is advocaat strafrecht bij advocatenkantoor Metis te Antwerpen. Hij studeerde in 1990 af als licentiaat in de rechten (met grote onderscheiding) en begon zijn professionele loopbaan als aspirant assistent strafrecht (1990-1991). In zijn huidige functies is hij onder meer werkzaam als afgevaardigde van de Antwerpse balie bij de Orde van Vlaamse Balies (OVB) en als voorzitter van de commissie strafrecht bij de OVB. Daarnaast gebruikt hij zijn vakkennis als expert strafrecht namens België in het Criminal Law Committee van de CCBE. Hij is eveneens actief als docent strafprocesrecht van de advocaten-stagiairs van Antwerpen, Mechelen en Turnhout. Als auteur heeft John Maes meerdere publicaties inzake strafrecht op zijn naam staan.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.