knokke art fair

Tijdschrift Beleggingsfiscaliteit

De fiscaliteit van spaar- en beleggingsproducten is in volle beweging in België en op Europees vlak. De quasi wereldwijde uitwisseling van financiële informatie over buitenlandse rekeningen en beleggingsverzekeringen kent steeds meer nieuwe toepassingen.

Tijdschrift Beleggingsfiscaliteit wil u systematisch fiscaal wegwijs maken in de nieuwe nationale en internationale evoluties op het vlak van:
- de fiscale behandeling van beleggingsproducten uit België en de omliggende landen
- corporate actions
- de uitwisseling van financiële informatie
- de evolutie van het bankgeheim
- de toenemende fiscale transparantie
- de bescherming van de privacy

Het tijdschrift biedt u actuele en diepgravende artikelen, waarin vooraanstaande specialisten de ontwikkelingen op een onderbouwde en structurele manier toelichten. Een redactiecomité met vertegenwoordigers uit de Belgische en Europese financiële sector, alsook van gereputeerde advocaten- en fiscale kantoren, waakt over de kwaliteit van de teksten.

België was (naast bv. Luxemburg en Zwitserland) jarenlang gekend voor zijn fiscaal bankgeheim. Maar de bescherming die het Belgisch bankgeheim biedt, is doorheen de jaren aanzienlijk afgenomen. Zo werd in 2011 een centraal register opgericht in de schoot van de Nationale Bank van België met een overzicht van welbepaalde rekeningen en financiële contracten die bij financiële instellingen in België worden aanhouden (door zowel inwoners als niet-inwoners). Dat register – het Centraal aanspreekpunt (hierna: het ‘CAP’) – werd speciaal opgericht voor de fiscale administratie met het oog op een effectieve en efficiënte controle en inning van de inkomstenbelastingen.

Opheffing van het fiscaal bankgeheim en invoering van het CAP: de wet van 14 april 2011

Het fiscaal bankgeheim en de mogelijkheid voor de fiscus om het te doorbreken, indien van toepassing, is doorheen de jaren sterk geëvolueerd. Die evolutie moet o.a. gezien worden in het licht van de internationale uitwisseling van fiscale en bancaire gegevens tussen belastingautoriteiten en de toegenomen focus op fiscale transparantie om bv. (fiscale) fraude, het witwassen van geld en de financiering van terrorisme te kunnen bestrijden.

Evolutie van het materieel en personeel toepassingsgebied van het CAP (2011-2020)

Doorheen de jaren werd het materieel en personeel toepassingsgebied van het CAP echter aanzienlijk uitgebreid.

Belgische rijksinwoners verplicht zelf te melden

Sinds 2015 zijn ook Belgische rijksinwoners verplicht om zelf hun buitenlandse rekeningen aan het CAP te melden. Omwille van het internationaalrechtelijk territorialiteitsbeginsel kan België louter op grond van interne wetgeving buitenlandse banken en financiële instellingen niet verplichten om gegevens van hun Belgische cliënten mee te delen aan het CAP. Dit leidde tot een impliciete discriminatie tussen Belgische en buitenlandse financiële instellingen, waarbij binnenlandse financiële instellingen een concurrentieel nadeel konden ondervinden. Daarom werd beslist om voor buitenlandse rekeningen een gelijkaardige CAP-rapporteringsplicht op te leggen aan de belastingplichtige zelf.

Uitbreiding van de louter fiscale bestemming (programmawet van 1 juli 2016)

Tot 2016 was het CAP geconcipieerd als een louter fiscaal databestand, dat enkel toegankelijk was ten behoeve van de controlediensten. Oorspronkelijk was het gebruik van het CAP dus beperkt tot de strijd tegen fiscale fraude. Met de programmawet van 1 juli 2016 werd de machtiging om de informatie opgeslagen in het CAP op te vragen evenwel uitgebreid naar: alle invorderingsdiensten, de controlediensten bevoegd voor de btw, de douane en accijnzen, het gerechtelijk apparaat, notarissen handelend in het kader van aangiften van nalatenschap en de Cel voor Financiële Informatieverwerking (CFI).

Van statische naar dynamische database (de CAP-Wet van 8 juli 2018)

In 2018 werd de werking van het CAP geactualiseerd en grondig gewijzigd wat betreft de mededeling van informatie door financiële instellingen. Waar het CAP tot dan een statische database was die elk jaar één keer werd bijgewerkt, evolueerde de databank naar een dynamische omgeving waarin financiële instellingen elke ‘opening’, ‘wijziging’ en ‘sluiting’ van rapporteerbare rekeningen en contracten op wekelijkse of zelfs dagelijkse basis moeten toevoegen.

Het CAP werd opgericht als een functioneel afzonderlijke entiteit zonder rechtspersoonlijkheid in de schoot van de NBB.

Te rapporteren gegevens en gegevenstoevoer: wie moet wat en hoe rapporteren?

Informatieplichtigen
  • Kredietinstellingen en beursvennootschappen: in de praktijk vallen alle kredietinstellingen hieronder, zijnde de financiële instellingen die gelddeposito’s in ontvangst nemen enerzijds en kredieten verlenen anderzijds. Onder beursvennootschappen vallen de beleggingsondernemingen met als belangrijkste activiteit het aanbieden van bellegingsdiensten
  • Bepaalde betalingsinstellingen en instellingen voor elektronisch geld.
  • Personen die beroepshalve verrichtingen uitvoeren inzake de aankoop of verkoop van deviezen.
  • Verzekeringsondernemingen.
  • Erkende leasingmaatschappijen.
  • Kredietgevers.
  • Bpost NV.
Te rapporteren gegevens

De informatieplichtige financiële instelling moet zowel de opening als de afsluiting van een rekening binnen de vijf werkdagen melden. Eveneens zal er gerapporteerd worden wanneer een volmacht wordt toegekend of ingetrokken met betrekking tot een door de klant aangehouden rekening. Daarbij meldt de financiële instelling het IBAN-nummer, de datum van de gebeurtenis en de identiteit van de houder en de eventuele medehouders of volmachtdragers.

Informatieplichtigen moeten het bestaan of het einde van een contractuele relatie met een cliënt met betrekking tot bepaalde financiële contracten meedelen aan het CAP. Daarbij moet de financiële instelling de aard van het financiële contract meedelen, alsook de identiteit van de hoofdcontractant of hoofdmedecontractant en de aard en de datum van de ‘gebeurtenis’.

Ook het bestaan van bepaalde financiële verrichtingen waarbij contanten betrokken zijn, wordt door middel van een ‘add action’ gerapporteerd.

Buitenlandse rekeningen: rapportering door rijksinwoners

Ten tweede bevat het CAP ook een schat aan informatie over de buitenlandse ‘rekeningen’ van Belgische rijksinwoners .  

Belgische rijksinwoners natuurlijke personen moeten het bestaan van buitenlandse ‘rekeningen’ en bepaalde ‘contracten’ aangeven in hun aangifte personenbelasting. De eerste keer dat de belastingplichtige zo’n rekening aangeeft in zijn aangifte personenbelasting, moet hij de rekening ook op eigen initiatief aanmelden bij het CAP van de NBB (maar dus niet de ‘contracten’).

Een niet-inwoner daarentegen, d.w.z. een natuurlijke persoon die in België een aangifte niet inwoners indient, is niet verplicht om zijn buitenlandse rekeningen en contacten aan te geven.

Als een Belgisch rijksinwoner zelf zijn buitenlandse rekening(en) moet aangeven bij het CAP dan omvat de te rapporteren informatie (zie verder voor een omschrijving van het begrip ‘rekening’:

  • de identificatie van de rekeninghouder op basis van het rijksregisternummer; en
  • de benaming en BIC-code van de financiële instelling waar de rekening geopend is; en
  • het land waar de rekening geopend is; en
  • het belastbaar tijdperk waarin de rekening geopend is; en
  • het jaartal waarin de gemelde rekening is gesloten.

Raadplegingsprocedure: toegangsregeling (wie kan de gegevens raadplegen en hoe)

Het CAP bevat bijzonder gevoelige informatie over de geregistreerde personen. Deze informatie kan in geval van misbruik schade berokkenen aan en een drastische inbreuk veroorzaken op de privacy van de geregistreerde persoon. Het is dan ook van cruciaal belang om alle personen, instellingen en organisaties die deze gegevens aanleveren, verwerken en opvragen ertoe te verplichten een strikt beleid inzake informatieveiligheid uit te werken en alle voorzorgen te nemen die nodig zijn om misbruik van deze gevoelige gegevens te voorkomen.

Uitbreiding van het CAP: de programmawet van 20 december 2020

September 2020: bij de vorming van de nieuwe federale regering De Croo werd o.a. in de voorbereidende regeringsnota al melding gemaakt van het voornemen om de werkingssfeer van het CAP uit te breiden met het oog op extra transparantie en de preventie van fiscale en sociale fraude.

Die maatregel werd geconcretiseerd en ingevoerd door de programmawet van 20 december 2020.

Ingevolge die wijzigingen moeten informatieplichtigen voortaan ook het periodiek saldo van bank-of betaalrekeningen en het geglobaliseerde bedrag van bepaalde financiële contracten meedelen aan het CAP en kunnen de fiscus en andere informatiegerechtigden van die informatie gebruikmaken (binnen het bestaande kader).

Met de uitbreiding van het CAP wordt meer transparantie beoogd in de strijd tegen (fiscale en sociale) fraude (zowel repressief als preventief).

Enkele reflecties en bedenkingen over wat (misschien) nog komen zal

De recente ontwikkelingen rond het CAP doen heel wat vragen en bedenkingen rijzen. Zo stellen we ons bv. de vraag hoe de verplichte rapportering aan het CAP zich verhoudt tot internationale uitwisseling van informatie (bv. de CRS). Bovendien stellen we vast dat de regering aan financiële instellingen opnieuw bijkomende verplichtingen en bijhorende kosten oplegt, zonder dat de financiën instellingen daar zelf echt baat bij hebben. Daarenboven rijst de vraag of er met de uitbreiding van het CAP de facto nog iets overblijft van het Belgisch fiscaal bankgeheim. Ten slotte lijkt het ons niet uitgesloten dat de uitbreiding van het CAP de deur openzet voor nieuwe (fiscale) maatregelen die het CAP gebruiken als informatiebron, bv. een vermogens(winst)belasting. In die zin is de uitbreiding van het CAP (al dan niet bewust) misschien wel de voorbode van wat nog komen zal.

Op verschillende vlakken overlapt de verplichting om financiële rekeningen te melden bij het CAP met de informatieplicht die financiële instellingen hebben onder de Common Reporting Standard. Maar toch zijn er een aantal belangrijke verschillen.

De CRS is een systeem van internationale uitwisseling van bancaire gegevens, waarbij financiële instellingen op geautomatiseerde wijze de woonstaat van een buitenlandse rekeninghouder gaan informeren over de aangehouden rekeningen. Ook met de Verenigde Staten van Amerika (de VS) is er een soortgelijke wederzijdse uitwisseling onder het FATCA-regime.

Inhoudelijk gaat de uitwisseling van rekeningen onder CRS en FATCA nog steeds een stuk verder dan het CAP.

Einde van het Belgisch bankgeheim?

Met de invoering van de getrapte procedure voor de opheffing van het bankgeheim in 2011, de oprichting en het gebruik van het CAP, de toegenomen uitwisseling van informatie tussen belastingautoriteiten (de CRS, FATCA enz.) en andere ontwikkelingen op het vlak van fiscale transparantie zoals het UBO-register en DAC6, is het Belgisch fiscaal bankgeheim aanzienlijk uitgehold. Met de recente uitbreiding van het CAP, waardoor financiële instellingen voortaan ook de bedragen zullen moeten rapporteren die cliënten bij hen aanhouden, zal de Belgische fiscus nog meer bancaire informatie in handen krijgen. De vraag rijst dus of er überhaupt nog een fiscaal bankgeheim is.

Zoals bovenstaand wordt toegelicht, blijft het (broze) Belgisch fiscaal bankgeheim formeel bestaan, maar wordt ze met de programmawet van 20 december 2020 inderdaad nog verder uitgehold.

Initieel was het CAP louter bedoeld om (i) de controle en inning van inkomstenbelastingen en in het bijzonder het doorbreken van het fiscaal bankgeheim (via een getrapte procedure) te faciliteren en (ii) te kunnen voldoen aan de vereisten voor internationale gegevensuitwisseling.

Sinds 2016 wordt het CAP echter voor veel meer doeleinden gebruikt, bv. voor controle inzake btw en diverse rechten en taksen, voor de invordering van belastingen, door notarissen in het kader van de aangifte nalatenschap, door de CFI, enz.

Bovendien zal de fiscus voortaan in een oogopslag kunnen zien hoeveel er op een rekening staat, zonder de financiële instelling in kwestie zelf te moeten aanschrijven. De ‘bescherming’ die het fiscaal bankgeheim biedt, is dus niet meer wat ze ooit geweest is.

Kevin Hellinckx, Stefaan Mertens en Ellen Roggen


Deze tekst is een verkorte versie van de uitgebreide analyse van Kevin Hellinckx, Stefaan Mertens en Ellen Roggen (Tax & Legal Advisers, KPMG) in hun artikel “Uitbreiding van het centraal aanspreekpunt: einde van het Belgisch fiscaal bankgeheim en voorloper van een vermogens(winst)belasting?”, dat eerder werd gepubliceerd in Tijdschrift Beleggingsfiscaliteit, no. 16. Meer info en abonnement.

Tijdschrift Beleggingsfiscaliteit

De fiscaliteit van spaar- en beleggingsproducten is in volle beweging in België en op Europees vlak. De quasi wereldwijde uitwisseling van financiële informatie over buitenlandse rekeningen en beleggingsverzekeringen kent steeds meer nieuwe toepassingen.

Tijdschrift Beleggingsfiscaliteit wil u systematisch fiscaal wegwijs maken in de nieuwe nationale en internationale evoluties op het vlak van:
- de fiscale behandeling van beleggingsproducten uit België en de omliggende landen
- corporate actions
- de uitwisseling van financiële informatie
- de evolutie van het bankgeheim
- de toenemende fiscale transparantie
- de bescherming van de privacy

Het tijdschrift biedt u actuele en diepgravende artikelen, waarin vooraanstaande specialisten de ontwikkelingen op een onderbouwde en structurele manier toelichten. Een redactiecomité met vertegenwoordigers uit de Belgische en Europese financiële sector, alsook van gereputeerde advocaten- en fiscale kantoren, waakt over de kwaliteit van de teksten.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.