Bij de opening van het gerechtelijk jaar nemen de procureurs-generaal het woord met hun traditionele mercuriales. “Topmagistratuur haalt uit naar politiek” wist De Standaard (DS 01/09). “Demagogische en onwetende politici, tekorten die leiden tot straffeloosheid en onzekere wetgeving: de procureurs-generaal trekken de alarmbel” zo vatte de krant de toespraken samen.

Volgens Ignacio de la Serna, de procureur-generaal van Luik zitten we in ons land nog niet in situaties zoals die in Polen en Hongarije, waar justitie frontaal wordt aangevallen. Hier is er wel sprake van onderfinanciering en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht komt volgens hem ook in het gedrang door publieke kritiek. Beledigingen, laster, persoonlijke aanvallen en bedreigingen aan magistraten moedigen vanaf een zeker punt de ongehoorzaamheid tegenover de rechterlijke macht aan. De la Serna heeft het gehad met die losse kritiek vanuit de politieke wereld, maar ook met de onwetendheid van (federale) ministers.

Johan Delmulle, de procureur-generaal van Brussel, hekelde het tekort aan middelen voor de aanpak van de financiële en fiscale criminaliteit. Het Laatste Nieuws vatte zijn mercuriale samen onder de titel “federale politie Brussel zal niet meer alle financiële misdrijven onderzoeken” (HLN, 01/09).

De Antwerpse procureur-generaal Patrick Vandenbruwaene wees dan weer op de slordige wetgeving, met onder meer een verwijzing naar de knelpunten, lacunes en onzekerheden in de wet op de spijtoptanten die dringend moeten worden opgelost.

Rik Van Cauwelaert mag dan soms in zijn wekelijke column in De Tijd een pessimistische knorrepot zijn, hij had deze week overschot van gelijk toen hij de mercuriales van onze hoogste magistraten als “onrustwekkend” bestempelde (De Tijd, 04/09). “Een dergelijke uittering van het justitieel apparaat valt niet weg te werken met een substantiële verhoging van het justitiebudget. Hier past intensieve zorg, want wat de procureurs-generaal aankaartten, is het resultaat van decennialange verwaarlozing en zelf van staatsfalen” zo merkt de wijze journalist op, waar hij dan nog aan toevoegt: “Het gevaarlijke gevolg van die verwaarlozing is dat de rechtsstaat een fictie dreigt te worden. Want zoals de gewezen Nederlandse justitieminister Ernst Hirsch Ballin het ooit samenvatte: ‘democratie en rechtsstaat zijn niet los verkrijgbaar’”.

Politici die met een machiavellistische strategie bewust of uit pijnlijke onwetendheid onbewust de rechtsstaat steeds vaker onder druk zetten kunnen dit op korte termijn schijnbaar straffeloos, ondersteund door (overigens door de belastingbetaler rijkelijk gefinancierde) desinformatie op sociale media.

Minder aandacht kreeg de bijzonder lezenswaardige mercuriale van eerste advocaat-generaal Ria Mortier van het Hof van Cassatie, die wees op de verpletterende verantwoordelijkheid van de media. “Er is er een duidelijke evolutie merkbaar van (objectief) informeren naar (subjectief) opiniëren. Hierbij staan niet zozeer de feiten dan wel waardeoordelen centraal, die evenwel naar hun aard niet te bewijzen zijn.” Het bleef in de media opvallend stil rond deze toespraak. De journalisten zijn ook bijna ongenaakbaar in hun door het Hof van de Rechten van de Mens toebedeelde rol van “waakhond van de democratie”, maar lijken zich daarbij niet te veel zorgen te maken wanneer ze met hun faits divers en eenzijdige benadering ook het rechtssysteem zelf bedreigen.

In deze omgeving is een krachtige en onafhankelijke advocatuur nodig. Net deze week verscheen in het Rechtskundig Weekblad een zeer belangwekkende bijdrage over de wijze waarop de advocatuur toeziet op die cruciale rol. Advocaten zijn onderworpen aan een deontologisch toezicht en daarbij speelt de stafhouder een belangrijke rol. Die kan aan een advocaat ingrijpende en verregaande verplichtingen opleggen. Die zgn. ‘injunctiebevoegdheid’ wordt in het RW kritisch tegen het licht gehouden door een zwaargewicht van de balie, Mr. Herman Buyssens (zelf oud-stafhouder van Balie Antwerpen en gewezen hoofd van de Belgische delegatie bij de CCBE, de overkoepelende Europese instantie van de balie). Zijn artikel zou voor alle advocaten, en zeker voor de stafhouders, verplichte lectuur moeten zijn. Advocaten zijn de ultieme hoeders van de rechtsstaat, maar het is pijnlijk vast te stellen dat de bevoegdheden van de stafhouder op los zand zijn gefundeerd. Hij besluit dan ook dat de “injunctie ingebed moet worden in een procedure die aan de betrokken advocaat voldoende rechtsbescherming biedt”. Met andere woorden: advocaten kunnen nu, in het belang van de goede werking van de balie en van de werking van justitie, beperkingen opgelegd krijgen door hun stafhouder, maar de procedure is zelf een aanfluiting van de rechtsstaat. Het valt te hopen dat de balie zelf moedig het voortouw neemt om aan deze anomalie een einde te maken, wil de advocatuur niet in hetzelfde straatje belanden als de politici en de journalisten. Orde van Vlaamse Balies, “plus est en vous”!

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat aan de balie van Limburg en Brussel NL. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.