Expertise Rechtuit

Nieuw wetsvoorstel betreffende de schriftelijke procedure: het paard van Troje om de organisatie van de rechtbanken te destabiliseren en de werklast van de magistraten nog te verzwaren?

Avatar
Geschreven door Jubel

Sinds enkele dagen circuleert er een wetsvoorstel houdende diverse bepalingen inzake justitie in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 en diverse andere bepalingen inzake justitie. Een aantal wetswijzigingen roepen ernstige vragen op en ook de Orde van de Vlaamse Balies heeft reeds de alarmbel geluid over een aantal wijzigingen.

Eric Beaucourt

Eén van de voorgestelde wijzigingen heeft betrekking op de schriftelijke behandeling van zaken, die de regering binnen de kortste keren door het parlement wil jagen.

Ik vat eerst summier samen en som daarna de gevolgen op.

  1. Partijen of advocaten kunnen vragen dat een zaak schriftelijk behandeld wordt. Zij moeten de rechter niet eens conclusietermijnen vragen, als zij maar onderling overeenkomen.
  2. Dat kan op de inleidingszitting of een latere zitting maar ook op om het even welk ogenblik, dus ook buiten de zittingsdagen.
  3. De aanvraag kan per gewone brief waarbij partijen/advocaten hun stukken en conclusies neerleggen. Er wordt hen dan een ontvangstbewijs bezorgd met de datum van neerlegging.
  4. Het enige wat de rechter kan doen is aan de partijen of de advocaten mondelinge uitleg vragen over de punten die hij aanwijst en dit binnen de maand na de kennisgeving.
  5. Die toelichting kan per videoconferentie gegeven worden.

Iedere magistraat moet per week een aantal zittingen en zaken behandelen, waarbij zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met de geschatte moeilijkheidsgraad van de zaak. Die zaken moeten in theorie al klaar zijn tegen de week daarop, want dan zijn er al nieuwe te behandelen zaken gepland.

Twee voorbeelden illustreren wat de gevolgen zijn zowel wat de organisatie betreft als wat de werklast betreft.

Eerste voorbeeld

Op om het even welke werkdag (zitting of geen zitting – de zaak moet wel al ingeleid zijn), kunnen partijen en/of advocaten de schriftelijke procedure vragen, dit alles naast de reeds voorziene pleitzaken.

Het dossier moet dan wel al bestudeerd worden want ofwel moet de magistraat de punten aanwijzen waarover hij toelichting vraagt en dit binnen de maand na de sluiting van de debatten ofwel moet er binnen die maand een uitspraak komen.

Tweede voorbeeld

Op een zitting staan er een aantal pleitzaken, doch een aantal weken vooraf vragen alle advocaten ineens de schriftelijke behandeling van een deel of van alle zaken.

Op die vrijgekomen zitting kunnen niet zomaar een aantal zaken opnieuw worden vastgesteld eerstens omdat dit enige tijd vergt voor de verwittiging van de partijen en advocaten, vervolgens omdat zaken die al op een verdere datum werden vastgesteld niet zomaar ineens kunnen vooruit geschoven worden op gevaar af de zittingskalender volledig te moeten herbekijken

Wat de werklast betreft is het aldus niet uitgesloten dat de rechter ineens geconfronteerd wordt met een aantal bijkomende zaken die hij naast de andere zaken moet behandelen.

Vermits alles moet uitgesproken worden binnen de maand na de sluiting van de debatten, zijn overbelasting en sancties ten aanzien van de magistraat die niet tijdig uitspreekt, zeer reëel.

Het is ook niet uitgesloten dat partijen die de normale weg volgen, namelijk conclusietermijnen en rechtsdag bepaald door de rechter, ineens de schriftelijk procedure wensen, wanneer zij een rechtsdag krijgen die ver verwijderd is, hetgeen precies de bedoeling is van de voorgestelde wijziging.

De wet voorziet ook nog dat er ophelderingen kunnen gevraagd worden eventueel per videoconferentie.

Er is voorzien dat een K.B. zal regelen hoe de partijen de behandeling kunnen bijwonen indien gebruik wordt gemaakt van de videoconferentie.  Moet dit niet in de wet worden ingeschreven in plaats van in een K.B.?

De Orde van Vlaamse Balies merkt terecht op dat het blijkbaar niet de bedoeling is dat rekening zou worden gehouden met de opmerkingen die gevraagd worden tegen 8 juni 2020 nu de bespreking in het parlement al van start is gegaan en voorzien is dat de stemming bij hoogdringendheid zou gebeuren.

Het zou de regering sieren mocht zij zich, zoals voor de coronamaatregelen, wat kwetsbaarder opstellen en zich laten bijstaan door experten die ook een andere mening durven/mogen hebben.

Besluit

Vanuit het standpunt van de rechtzoekende is de wetswijziging wellicht een goede zaak, wanneer te lang moet gewacht worden op een rechtsdag.

Deze voorgestelde wetswijziging houdt evenwel geen rekening met de magistratuur.

In plaats van na te gaan hoe het komt dat een rechtsdag zo lang op zich laat wachten en hoe zwaar de werklast is van de magistraten, worden maatregelen genomen, die, indien het systeem van de schriftelijke behandeling door de voorgestelde wijzigingen een ruime toepassing zou vinden (wat de bedoeling is), aanzienlijke problemen dreigt mee te brengen voor de organisatie van de rechtbanken. Deze wetswijziging kan bovendien de rechters in de onmogelijkheid brengen om hun vonnissen binnen de wettelijke termijnen van beraad (1 maand) af te leveren.

Beginnen met een volledige invulling van het wettelijk kader was wellicht te eenvoudig!

Eric Beaucourtmagistraat op rust

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.