De Europese Unie (EU) heeft een grote invloed op ons dagelijks leven, ook op onze vrijetijdsbestedingen. EU-burgers leven in een ruimte zonder binnengrenzen. Wanneer zij naar een andere lidstaat gaan, hebben ze het recht niet gediscrimineerd te worden op grond van nationaliteit.
Onder bepaalde voorwaarden kunnen zij toch anders behandeld worden dan de burgers van het gastland. Dat kan indien er een legitiem doel is en de verschillende behandeling niet verder gaat dan nodig (eerbiediging van het evenredigheidsbeginsel). De vraag in dit verhaal is of de Duitse nationale atletiekbond kan bepalen dat alleen Duitsers mogen deelnemen aan het nationaal kampioenschap.
Wat heeft hier voorrang: de goede integratie van EU-burgers in het gastland of de wens de titel van nationaal kampioen aan eigen burgers voor te behouden?[1]
Feiten: Daniele wil meedoen aan Duitse kampioenschappen
Daniele Biffi is een Italiaan die al lang in Berlijn woont. Hij is er lid van de sportclub TopFit Berlijn. Als amateuratleet boven de 35 neemt hij vaak deel aan hardloopwedstrijden die op verschillende plaatsen in Duitsland worden georganiseerd. Zijn club TopFit is daarvoor aangesloten bij de Berlijnse en bij de Duitse nationale atletiekbond. Tot 2016 laat de Duitse atletiekbond alle EU-burgers deelnemen aan de Duitse kampioenschappen als ze lid zijn van een Duitse sportvereniging. In 2016 maakt de Duitse atletiekbond echter een nieuwe regel: deelname aan de kampioenschappen staat vanaf dan enkel open voor atleten met de Duitse nationaliteit.
In 2017 schrijft TopFit Daniele in voor de Duitse indoorkampioenschappen. Daniele wil er in de masterscategorie deelnemen aan de 60, 200 en 400 meter hardlopen, maar de Duitse atletiekbond weigert zijn inschrijving omdat hij geen Duitser is. Tijdens een ander kampioenschap in 2017 mag Daniele van de Duitse atletiekbond enkel 'buiten klassement' deelnemen.
Daniele en zijn sportclub TopFit zijn erg ontgoocheld en vechten de nationaliteitsregel van de Duitse atletiekbond aan bij een Duitse rechter. Die twijfelt over wat toegelaten is in de EU en stelt een paar vragen aan het Hof van Justitie van de EU.

Welke EU-beginselen komen aan bod in dit verhaal?
Twee EU-doelstellingen komen in dit verhaal samen:
- het bevorderen van het vrije verkeer van personen, en
- het bevorderen van de openheid van sportcompetities.
Het gaat dus over de EU-waarden van vrijheid en gelijkheid (non-discriminatie). De vraag rijst ook wat het betekent te leven in een samenleving gekenmerkt door verdraagzaamheid (art. 2 UV).
Vrijheid
Iedereen die de nationaliteit van een EU-lidstaat heeft, is automatisch ook een EU-burger (art. 20 WV). Een van de bekendste rechten van EU-burgers is het recht om vrij te reizen en te verblijven op het grondgebied van andere lidstaten (art. 21 WV).[2] Het vrije verkeer van personen is een van de kernbeginselen van de EU.
Gelijkheid
Daarmee hangt samen dat EU-burgers in een andere lidstaat het recht hebben om er gelijk behandeld te worden als de burgers van dat gastland (art. 18 WV). In de EU is nationaliteit een verboden criterium van onderscheid.[3] De regels in lidstaten mogen in principe dus geen onderscheid maken op grond van nationaliteit.
De Duitse atletiekbond behandelt Daniele anders op grond van zijn Italiaanse nationaliteit, ook al woont hij al lang in Duitsland. Hij kan niet deelnemen aan de nationale kampioenschappen hardlopen voor amateursporters louter omdat hij geen Duitser is. Kan Daniele zich beroepen op zijn rechten als EU-burger?
Het Hof benadrukt dat het beoefenen van een amateursport binnen een sportvereniging kan helpen banden te vormen in de samenleving van het gastland. Dat geldt ook voor deelname aan sportwedstrijden, ongeacht het niveau. Daaruit volgt dat een EU-burger die verblijft in een andere lidstaat en die in dat gastland een amateursport beoefent in wedstrijdverband, zich kan beroepen op het recht op gelijke behandeling ongeacht nationaliteit (art. 18 en 21 WV). De rechten op vrij verkeer willen de geleidelijke integratie van de EU-burger in de samenleving van het gastland bevorderen. Sport heeft een groot maatschappelijk belang en vormt dus een belangrijk onderdeel van die vrijheid.
Welke beperkingen worden aan de genoemde EU-rechten gesteld?
Zijn de regels van de Duitse atletiekbond, die de deelname aan de nationale kampioenschappen alleen openstellen voor atleten met de Duitse nationaliteit, beperkingen aan het vrije verkeer van personen in de Europese Unie? Ja.
Door de nieuwe regel van de Duitse atletiekbond mag Daniele sinds 2016 niet langer volwaardig deelnemen aan nationale competitiewedstrijden. Hij mag buiten klassement aan kwalificatierondes deelnemen, maar kan nooit in de finale van nationale competities meelopen.
TopFit en Daniele stellen dat de Duitse atletiekbond het EU-recht op vrij verkeer van personen beperkt, omdat de nieuwe regel ertoe leidt dat lokale sportverenigingen minder tijd en aandacht aan niet-Duitse sporters besteden. Het risico bestaat dat die verenigingen een minder goede training geven aan atleten die toch niet kunnen deelnemen aan nationale kampioenschappen. Omdat sportverenigingen niet-Duitse sporters dan verschillend behandelen, argumenteren TopFit en Daniele dat die EU-burgers zich daardoor minder goed kunnen integreren in de sportvereniging en in de samenleving van het gastland.
Het Hof van Justitie volgt hen hierin door te zeggen dat dergelijke gevolgen het voor EU-burgers minder aantrekkelijk kunnen maken om een amateursport te beoefenen. Bijgevolg vormt dit een beperking op hun recht op vrij verkeer als EU-burgers (art. 21 WV).
Is er een rechtvaardiging voor die beperking?
Nationale maatregelen die de uitoefening van de EU-rechten op het vrije verkeer belemmeren of minder aantrekkelijk maken, kunnen gerechtvaardigd zijn als ze:
- een doelstelling van algemeen belang nastreven (een legitiem doel)
- en evenredig zijn tot die doelstelling.
Het Hof oordeelt dat het legitiem lijkt om de toekenning van de titel van nationaal kampioen in een bepaalde sportdiscipline voor te behouden aan een eigen onderdaan. Maar het argument dat het publiek verwacht dat de nationale kampioen van een land de nationaliteit van dat land bezit, kan niet om het even welke beperking op de deelname van EU-burgers uit andere lidstaten rechtvaardigen. Het Hof stelt vast dat Daniele in 2017 helemaal niet kon deelnemen. De volledige uitsluiting van deelname aan de kampioenschappen van een dergelijke atleet op grond van zijn nationaliteit is in ieder geval onevenredig.
Vervolg na de beslissing van het Hof van Justitie
Voor Daniele, TopFit en de Duitse atletiekbond
Het Hof van Justitie van de EU verwijst de zaak terug naar de Duitse rechter. Die moet de uitgelegde regels concreet toepassen in die zaak en nagaan of de uitsluiting van Daniele gerechtvaardigd was. De Duitse atletiekbond zal zijn regels moeten aanpassen zodat ze conform zijn aan het Europese recht.
Voor de sportwereld in het algemeen, ook in andere lidstaten
Ook nationale atletiekverenigingen in andere EU-lidstaten moeten hun uitsluitingsregels in overeenstemming met het EU-recht brengen. Het uitsluiten, zelfs gedeeltelijk, van burgers van andere EU-lidstaten bij nationale competitiewedstrijden kan in principe niet. Let wel, het gaat om burgers van andere lidstaten die in het land wonen en lid zijn van een lokale atletiekclub.
Deze casus gaat over hardlopen, maar de genoemde EU-regels gelden voor elke sport. In de sportwereld in het algemeen wordt wel vaker gezondigd tegen het EU-beginsel van niet-discriminatie op grond van nationaliteit. Als argument verwijst men dan naar de specificiteit van de sport. Toch dienen sportverenigingen er rekening mee te houden dat elk onderscheid op grond van nationaliteit verdacht is. De eigen burgers en de burgers van andere lidstaten die in het gastland verblijven, moeten gelijk behandeld worden. In de EU is nationaliteit een verboden criterium van onderscheid. Sportverenigingen die dat onderscheid wel maken, kunnen voor de rechter gebracht worden. Uitzonderingen moeten strikt beperkt worden.
Voor EU-burgers
Burgers die menen dat hun EU-rechten geschonden zijn, kunnen zich wenden tot SOLVIT.[4]
Deze tekst is gebaseerd op de casusfiche geschreven door Willem Theus, Kris Grimonprez en Flore Vavourakis
Meer uitleg over deze zaak en andere belangrijke Europese rechtspraak vindt u terug op de website van Case4EU, o.l.v. Kris Grimonprez.





0 reacties