Op basis van artikel 135, §2 van de Nieuwe Gemeentewet hebben de gemeenten tot taak te waken over zindelijkheid, gezondheid, veiligheid en rust op openbare wegen en plaatsen, en in openbare gebouwen, gelegen op hun grondgebied. De wet verduidelijkt dat dit onder meer betrekking heeft op alles wat verband houdt met een veilig en vlot verkeer op openbare wegen, straten en pleinen. De vraag stelt zich echter hoe deze verplichting zich verhoudt ten opzichte van wegenwerken die worden uitgevoerd door één of meerdere bedrijven (op het grondgebied van een gemeente), in het bijzonder indien blijkt dat de werfsignalisatie te wensen overlaat. In een vonnis van 10 december 2025[1] sprak de rechtbank van eerste aanleg te Gent zich uit over deze problematiek.[2]
Achtergrond en standpunten
In de avond van 12 februari 2024 viel de eiser vlak voor zijn woning in een (bouw)put, gesitueerd in een straat waar wegenwerken aan de gang waren. De gemeente was (via openbare aanbesteding) opdrachtgever van wegenwerken die werden uitgevoerd door een aannemer. De eiser liep door de val een knieletsel op. Na dit schadegeval ging de eiser over tot dagvaarding voor de rechtbank van zowel de aannemer als de gemeente. De eiser wenste immers schadevergoeding te bekomen voor zijn letsels. De eiser was van oordeel dat beide verweerders fouten hadden gemaakt door de werf gebrekkig te beveiligen, in het bijzonder door een gebrek aan adequate signalisatie.
Ten aanzien van de betrokken gemeente baseerde de eiser zich op de veiligheidsverplichting zoals opgenomen in artikel 135, §2 van de Nieuwe Gemeentewet. Volgens de eiser had de gemeente bij de wegenwerf tekortgeschoten in haar veiligheidsverplichting. De gemeente betwistte dit evenwel door onder andere te stellen dat de beveiliging en signalisatie op de werf de uitsluitende taak was van de aannemer (overeenkomstig het bestek van de openbare aanbesteding). Naar oordeel van de gemeente lag de verantwoordelijkheid hiervoor dus exclusief bij de aannemer.
Rechterlijke beoordeling
Nadat de rechtbank eerst de fout en aansprakelijkheid van de aannemer had vastgesteld wegens onvoldoende beveiliging van de werf (op basis van de bewijsstukken van de eiser), overwoog de rechtbank dat de veiligheidsverplichting van gemeenten (op basis van artikel 135, §2 Nieuwe Gemeentewet) inhoudt dat zij een verplichting hebben tot het voorkomen van elk abnormaal gevaar door het nemen van passende maatregelen, tenzij een vreemde oorzaak, welke niet aan de gemeente kan worden toegerekend, haar zou verhinderen om haar veiligheidsverplichting na te komen.
De rechtbank stelde voorts dat het gegeven dat een aannemer (contractueel) instaat voor de signalisatie van wegenwerken niet betekent dat het beheer van de weg op de aannemer wordt overgedragen. Wanneer een aannemer door de gemeente tijdelijk belast wordt met de signalisatie op een bouwplaats behoudt de gemeente in elk geval een toezichtsfunctie en moet zij tussenkomen wanneer de aannemer nalatig is in zijn signalisatieverplichting, aldus de rechtbank.
Op basis hiervan oordeelde de rechtbank dat een gemeente zich ook niet kan verschuilen achter de signalisatieplicht van de aannemer om aan haar eigen veiligheidsverplichting te ontsnappen. Vermits de aannemer duidelijk in gebreke bleef om te voldoen aan de plicht tot signalisatie, moest de gemeente overeenkomstig artikel 135, §2 Nieuwe Gemeentewet de signalisatieverplichting op zich nemen. De gemeente had dit niet gedaan en dus stelde de rechtbank de aansprakelijkheid van de gemeente vast (samen met de aannemer).
In deze concrete casus besloot de rechtbank evenwel ook tot een eigen fout van de eiser, vermits de eiser met voldoende kennis van de plaatsgesteldheid en gebrekkige toestand van de werf toch op onzorgvuldige wijze gebruik maakte van de straat/werf. Finaal kwam de rechtbank dan ook tot een aansprakelijkheidsverdeling. In de onderlinge verhouding tussen de gemeente en aannemer besloot de rechtbank dat de aannemer de gemeente moet vrijwaren voor hetgeen zij aan de eiser dient te betalen.
Conclusie
Gemeenten doen er goed aan om op een proactieve en periodieke wijze de wegenwerken op hun grondgebied op te volgen en daarop toezicht te houden. Dit stelt de gemeenten in staat om tijdig in te grijpen indien zou blijken dat hun aannemer(s) niet of op onvoldoende wijze zou(den) voorzien in werfbeveiliging. Een gebrekkig beveiligde werf ongemoeid laten, brengt voor de gemeenten een aansprakelijkheidsrisico met zich mee (op basis van de Nieuwe Gemeentewet) indien zich op de werf een schadegeval zou voordoen.
Bas Schuermans, advocaat bij Bricks Advocaten



0 reacties