Corona Actua

Welke gevolgen geven aan overheidsopdrachten die momenteel worden uitgevoerd in het licht van de COVID-19-pandemie?

Xirius Public
Geschreven door Xirius Public

De COVID-19-pandemie en de laatste beslissingen van de Belgische Staat leiden ertoe dat veel opdrachtnemers en aanbesteders zich afvragen welk gevolg moet gegeven worden aan hun overheidsopdrachten. Het doel van deze post is dan ook om kort te onderzoeken in welke omstandigheden en onder welke voorwaarden de opdrachtnemer het recht heeft om zich op de moeilijkheden te steunen die volgen uit deze pandemie om een verlenging van de uitvoeringstermijnen en/of een herziening van de opdrachtvoorwaarden te vragen.

Veel bedrijven vrezen immers dat zij door de COVID-19-pandemie moeilijkheden zullen ondervinden bij de uitvoering van hun overheidsopdrachten (vertraging van de levering van materialen en grondstoffen, inkrimping van het personeelsbestand, enz.)

 Maatregel genomen door de overheid

 Tijdens de ministerraad van vrijdag 6 maart 2020 heeft de federale regering een “flexibiliteitsmaatregel” aangenomen voor de uitvoering van federale overheidsopdrachten. Voor alle federale overheidsopdrachten, en op voorwaarde dat wordt aangetoond dat de vertraging of niet-uitvoering te wijten is aan de COVID-19-pandemie, zal de Belgische Staat dus geen sancties opleggen aan de opdrachtnemers.[1]

Deze “flexibiliteitsmaatregel” geldt echter enkel voor overheidsopdrachten die door federale aanbesteders zijn geplaatst en alleen voor de sancties die zij zouden kunnen opleggen aan de opdrachtnemers in geval van niet-nakoming van hun contractuele verplichtingen.

Daarom moet worden onderzocht of de opdrachtnemers – niet enkel in het kader van federale overheidsopdrachten maar ook alle andere overheidsopdrachten – het recht hebben om zich te beroepen op overmacht of onvoorziene omstandigheden om een verlenging van de uitvoeringstermijnen en een herziening van de opdrachtvoorwaarden.

Op dit moment heeft de Belgische Staat de COVID – 19-pandemie (nog) niet gekwalificeerd als een geval van overmacht, in tegenstelling tot Frankrijk.[2]

 Onvoorzienbare omstandigheid?

 Toch is het ontegensprekelijk een onvoorzienbare omstandigheid in de zin van de overheidsopdrachtenregelgeving en meer bepaald artikel 38/9 van het Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten (KB AUR).

Volgens deze bepaling kan de opdrachtnemer verzoeken om een verlenging van de uitvoeringstermijnen of om herziening van de opdracht wanneer hij een zeer belangrijk nadeel heeft geleden, op voorwaarde dat hij zich kan beroepen op omstandigheden (1) die hij bij de indiening van zijn offerte of de sluiting van de opdracht redelijkerwijs niet kon voorzien (2) en die niet konden worden ontweken (3) en waarvan de gevolgen niet konden worden verholpen niettegenstaande hij alle nodige maatregelen daartoe heeft genomen.

Onder onvoorzienbare omstandigheden in de zin van deze bepaling worden niet alleen gevallen van overmacht verstaan, maar ook alle redelijkerwijs onvoorzienbare en onvermijdelijke gebeurtenissen die buiten de macht vallen van de inschrijver aan wie de opdracht is gegund.[3]

Meldingsplicht

Om op geldige wijze de moeilijkheden volgend uit de COVID-19-pandemie te kunnen inroepen, blijft de opdrachtnemer, op straffe van verval, verplicht deze zo spoedig mogelijk, en in ieder geval binnen de 30 dagen na het ontstaan ervan of de datum waarop hij er normaal gesproken kennis van had moeten hebben, schriftelijk aan de aanbesteder te melden, overeenkomstig artikel 38/14 KB AUR.

Het verstrijken van deze termijn van 30 dagen heeft tot gevolg dat het recht van de opdrachtnemer om een bezwaar of verzoek in te dienen, rechtstreeks komt te vervallen. Deze periode mag niet worden opgeschort, verlengd of onderbroken.

Bovendien moet de opdrachtnemer bondig aangeven welke invloed deze omstandigheden hebben of kunnen hebben op het verloop of de kostprijs van de opdracht.

Vervolgens zijn de bezwaren en verzoeken die gebaseerd zijn op omstandigheden die niet tijdig door de opdrachtnemer aan de aanbesteder zijn gemeld en waarvan de aanbesteder bijgevolg het bestaan en de invloed op de opdracht niet heeft kunnen nagaan om de vereiste maatregelen te nemen, onontvankelijk (artikel 38/15 KB AUR).

En vervolgens: klachten en verzoeken

Dergelijke klachten en verzoeken van de opdrachtnemer moeten, op straffe van verval, naar behoren worden gestaafd en begroot, en schriftelijk aan de aanbesteder worden overgemaakt:

  • vóór het verstrijken van de contractuele termijnen om termijnverlenging of de verbreking van de opdracht te verkrijgen;
  • uiterlijk 90 dagen volgend op de datum van de kennisgeving aan de opdrachtnemer van het proces-verbaal van de voorlopige oplevering van de opdracht om een herziening van de opdracht (andere dan een termijnverlenging voor de uitvoering of verbreking van de opdracht) of een schadevergoeding te verkrijgen;
  • uiterlijk 90 dagen na het verstrijken van de waarborgperiode om een herziening van de opdracht (andere dan een termijnverlenging voor de uitvoering of verbreking van de opdracht) of een schadevergoeding te verkrijgen, wanneer dit verzoek zijn oorsprong vindt in feiten of omstandigheden die zich hebben voorgedaan tijdens de waarborgperiode (artikel 38/16 KB AUR).

Besluit

 Gezien de huidige bijzondere omstandigheden zullen de aanbestedende overheden bij het onderzoek van deze bezwaren en verzoeken blijk moeten geven van toegeeflijkheid en flexibiliteit, maar zij kunnen niet nalaten om na te gaan of de termijnen worden nageleefd en of deze gerechtvaardigd zijn in het licht van de moeilijkheden die door de COVID-19-pandemie zijn veroorzaakt.

De bovenstaande punten zullen uiteraard de komende dagen opnieuw moeten onderzocht worden in het licht van het verloop van deze pandemie en de verdere beslissingen die eventueel door de Belgische Staat zullen worden genomen.

Anthony Poppe

XIRIUS PUBLIC

[1] “Op vrijdag 6 maart, tijdens de ministerraad, heeft de federale regering 10 maatregelen goedgekeurd ter ondersteuning van bedrijven en zelfstandigen die getroffen worden door de gevolgen van COVID-19. Deze maatregelen zijn er in wezen op gericht om enerzijds ondernemingen die getroffen zijn in staat te stellen hun werknemers tijdelijk werkloos te maken om de werkgelegenheid te behouden, en anderzijds te voorzien in methoden voor spreiding, uitstel en vrijstelling van betaling van sociale bijdragen, voorheffing en sociale en fiscale belastingen voor ondernemingen en zelfstandigen.” https://www.premier.be/nl/10-maatregelen-ter-ondersteuning-van-bedrijven-en-zelfstandigen-na-covid-19.

[2] In Frankrijk hebben de staat en de lokale besturen erkend dat de COVID-19-pandemie een geval van overmacht is in het kader van hun overheidsopdrachten. Bijgevolg zullen voor alle overheidsopdrachten van de staat en de lokale besturen geen laattijdigheidsboetes worden opgelegd. https://www.gouvernement.fr/info-coronavirus.

[3] M.-A. FLAMME ea, Commentaire pratique de la réglementation des marchés publics, T. 2, 6de ed., Confédération Construction, 1996-1997, nr. 11 e.v. en de geciteerde rechtspraak.

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.