Expertise Kantoor & beleid

Legal interim managers op weg naar een gereguleerd beroep?

Avatar
Geschreven door Jubel

Legal interim managers behoren niet tot een gereguleerd beroep. Het IBJ is echter vragende partij om hen tot de rang van bedrijfsjuristen te rekenen. Betekent dit een stap voorwaarts voor legal interim managers?

Volgens de wet op het IBJ van 2000, zoals gewijzigd in 2010, is lidmaatschap van het IBJ voorbehouden voor juristen die met hun werkgever verbonden zijn, hetzij door een arbeidsovereenkomst, hetzij door een statuut. Hierdoor kunnen enkel werknemers en ambtenaren vandaag toetreden tot het IBJ.

Oorspronkelijk was de titel van bedrijfsjurist voorbehouden voor werknemers uit de privésector. De uitbreiding naar het statuut van ambtenaren in de publieke sector werd mogelijk gemaakt door de wetswijziging van 2010.

Op 30 september 2018 formuleerde het IBJ een rapport aan minister van Justitie Koen Geens ter voorbereiding van een voorgenomen modernisering van de wet op het IBJ. Daarin breekt het IBJ een lans voor de vrijwillige toetreding van de zelfstandige juridische dienstverleners tot het IBJ.

Voor bedrijfsjuristen is het anno 2020 inderdaad een alledaagse realiteit geworden dat hun teams tijdelijk worden bijgestaan door zelfstandige dienstverleners die een collega vervangen of een project uitvoeren, alleen is het zo dat de legal interim managers doorgaans, secondments uitgezonderd, niet behoren tot één van de vier gereglementeerde juridische beroepen, (naast de bedrijfsjuristen, de advocaten, gerechtsdeurwaarders en notarissen).

In deze bijdrage wordt de vraag gesteld naar de wenselijkheid en het nut om deel uit te maken van een gereguleerde beroepscategorie.

Welke regels gelden voor bedrijfsjuristen respectievelijk legal interim managers ?

De bedrijfsjurist geniet een wettelijk verankerde vertrouwelijkheid van zijn adviezen, zelfs t.o.v. de Belgische onderzoeksinstanties

De wet op het IBJ stelt dat “De door de bedrijfsjurist verstrekte adviezen, ten gunste van zijn werkgever en in het kader van zijn functie van juridisch raadsman, confidentieel zijn”.

Hierdoor kan het advies, evenals de ermee samengaande correspondentie en documenten, niet ingezien of  gekopieerd worden door andere personen dan de bestemmeling(en), noch in beslag genomen worden en kan de bedrijfsjurist niet verplicht worden om vragen te beantwoorden over de inhoud van het advies of over de hem meegedeelde feiten.

Ook het advies van een legal interim manager, en alle ermee samengaande correspondentie en documenten zijn strikt vertrouwelijk ten opzichte van derde partijen, en dit op grond van de vertrouwelijkheidsclausule in haar of zijn overeenkomst. Enkel ten opzichte van de Belgische onderzoeksinstanties geldt niet dezelfde wettelijke bescherming die de verstrekte informatie van rechtswege vertrouwelijk maakt.  Een legal interim manager die verzocht wordt om een mogelijk gevoelig advies te geven, doet er in de praktijk dan ook goed aan om steeds een bedrijfsjurist te betrekken in alle correspondentie omtrent het gevraagde advies.

De bedrijfsjurist onderschrijft een deontologische code

De bedrijfsjurist verbindt er zich bovendien onder de deontologische code toe om de wet na te leven, om de toepassing van de wet in zijn onderneming te bevorderen, en om zich voortdurend te vormen.

De legal interim manager onderschrijft momenteel geen code, maar het spreekt voor zich dat zij of hij enkel advies kan verlenen dat in overeenstemming is met de wet. Daarnaast verbindt de legal interim manager er zich contractueel toe om zijn opdracht behoorlijk uit te voeren en volgens de regels van de kunst.   De legal interim manager kan zich bovendien maar beter permanent bijscholen wil zij of hij relevant blijven.

Is het sop de kool waard?

Op het eerste gezicht lijkt er sprake van een beperkt verschil, zowel op het vlak van de vertrouwelijkheid als op het vlak van ethiek en kwaliteit, zij het dat de onderliggende mechanismes enigszins uiteenlopen.

Het echte voordeel kan er volgens ons in gelegen zijn dat een toegelaten vrijwillige aansluiting aan elke Legal interim manager de vrije keuze geeft om zich vrijwillig te onderscheiden met de titel van bedrijfsjurist, waardoor zij of hij er zich vrijwillig toe kan verbinden om jaarlijks 16 uur vorming te volgen en om zo toegang te krijgen tot het volledige vormingspakket van het IBJ.

Daarnaast kan het in welbepaalde materies wel degelijk een wezenlijk verschil uitmaken om de genoemde wettelijke bescherming te mogen genieten, bv. voor zover een project in bepaalde mate te maken heeft met Belgische mededingingsrechtelijke kwesties.

Last but not least zal een vrijwillige toetreding haar of hem in contact kunnen brengen met een tweeduizendtal collega-bedrijfsjuristen.

Een mogelijk nadeel kan erin bestaan dat de vrijwillige toetreding zonder meer de norm wordt, waardoor elke legal interim manager de facto genoopt zal zijn om zich lid te maken en om de welbepaalde door het IBJ geaccrediteerde opleidingen te volgen, daar waar zij of hij vandaag nog vrij kan kiezen welke of gene opleiding er voor haar of hem relevant zijn. Het valt dan ook te hopen dat het IBJ bereid zal zijn haar bestaande vormingspakket en opleidingsvereisten te willen aanpassen aan de specifieke noden van de legal interim managers, zodat de zogenaamde vrijwillige aansluiting uitreindelijk geen vergiftigd geschenk wordt.

Wij volgen de piste van de door het IBJ bepleite vrijwillige aansluiting verder op en zijn benieuwd naar uw mening: Vind jij een vrijwillige aansluiting tot het IBJ een goede zaak of niet? Laat het ons weten!

Tom Peeters, legal interim manager Panderim

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.