knokke art fair

De gigantische wateroverlast en de daaraan gekoppelde onoverzienbare schade (zowel op menselijk vlak als puur materieel) in ons land stond deze week ook elders in Europa in het middelpunt van de aandacht.  Ook de nieuwe coronavariant baart zorgen, waarbij zo stilaan de vraag aan de orde komt of het wel verantwoord is om midden augustus meer dan 60.000 personen op een festivalweide te laten samentroepen en wat daar dan de epidemiologische gevolgen kunnen zijn.

Daar komt nog de hongerstaking bij van diegenen die daarmee een collectieve regularisatie van hun papieren beogen en het verklaart waarom bijna niemand aandacht had voor de uitspraak van het Pools Grondwettelijk Hof, dat vorige week besliste dat Poolse rechtbanken geen rekening moeten houden met de uitspraken van het Europees Hof van Justitie. Het Poolse Hof weigerde de eerdere uitspraak van het Europees Hof van Justitie uit te voeren. Die had geoordeeld dat de tuchtkamer van de Poolse Hoge Raad gepolitiseerd is en dus niet onafhankelijk. Columniste Caroline De Gruyter noemde dat in het NRC Handelsbad (17 juli) “het begin van een politieke guerrilla tegen de Europese rechtsorde”.

Dit weekend liet De Tijd (17 juli) Adam Bodnar, de gewezen Poolse nationale ombudsman, aan het woord. Hij moest die post verlaten omdat hij te kritisch was voor de regerende Partij voor Recht en Rechtvaardigheid (er is overigens geen opvolger aangesteld). Bodnar ziet een fundamentele aanval op de rechtstaat. “En dan bedoel ik niet alleen de ontmanteling van een onafhankelijke justitie. De regeringspartij PiS plaatste inderdaad haar eigen pionnen op cruciale plaatsen, onder andere bij het Grondwettelijk Hof. Maar het gaat om meer. Mensenrechten worden voortdurend ter discussie gesteld”, zo noteerde de krant. Volgens Bodnar is Polen overigens geen volwaardige democratie meer. “De democratische principes, zoals controle en tegenmacht, staan op de helling”.

Helemaal nieuw is die evolutie niet. Het is al het voorwerp van masterproeven van de jongste lichting afstuderende juristen (zoals de lezenswaardige thesis “A crisis of the rule of law in Poland. Through the Perspective of the Court of Justice of the European Union” van Victor Rosias, waarmee hij net als master in de rechten aan de KUL afstudeerde).

Caroline De Gruyter merkt op dat wie zich de vraag stelt of een land dat niet langer de verdragen van de Europese Unie en de kernbepalingen van het lidmaatschap wil toepassen, niet uit de Unie moet trekken, van een kale reis terugkeert. Het verlaten van de Unie kan enkel wanneer het land dat zelf wil (zoals ten overvloede gebleken is met de Brexit), maar een land kan daartoe niet gedwongen worden. De talrijke veroordelingen van het Hof van Justitie brengen de huidige Poolse regering niet tot andere inzichten. Het lijkt eerder het omgekeerde uit te lokken. Het inspireert ook anderen, zoals de Hongaarse premier Orban.

Overigens beperkt het alsmaar groter wordende politiek probleem zich enkel tot deze landen. Vorig jaar roerde ook het Duits Grondwettelijk Hof in Karlsruhe zich en ook bepaalde arresten van de Franse Conseil d’Etat doen de Europese wenkbrauwen fronsen.

Wie gelooft in de Europese constructie en de “rule of law” blijft dus maar best aandachtig voor al deze evoluties en zorgt ervoor dat het maatschappelijk debat hierover levendig blijft. De Orde van Vlaamse Balies heeft een bestuurder die specifiek bevoegd is voor de bescherming van de rechtsstaat, zodat er niet aan kan getwijfeld worden dat hij zich binnen de Europese Balies actief blijft inzetten voor de handhaving van de voorrang van het Europees recht. Ook de balie heeft hierin een maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Ondanks de algehele onverschilligheid liet De Standaard (17 juli) Paul Goossens aan het woord. Hij is al 40 jaar Europa-watcher met een meer dan uitgesproken mening. Hij hekelt het ontbreken van een efficiënt Europees sanctiemechanisme tegen schendingen van de mensenrechten, zoals in Griekenland aan de grens en in Hongarije tegen de pers. Volgens hem heeft het verdrag van Lissabon het particularisme van de lidstaten voorrang gegeven op de gemeenschappelijkheid. Het is voor hem dan ook duidelijk dat de Europese lidstaten “almaar meer greep hebben gekregen op de koers van Europa”.

De juridische gemeenschap kan niet passief aan de kant blijven staan wachten tot de hele Europese constructie instort. Moge de vakantieperiode een moment van reflectie zijn, die dan kan uitmonden in maatschappelijke beroering.

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat aan de balie van Limburg en Brussel NL. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.