Aviniti

Rechtskroniek voor het Notariaat

Het Instituut voor Notarieel Recht van de Faculteit Recht en Criminologie van de UGent beoogt door de "Rechtskroniek voor het Notariaat" in het bijzonder ten behoeve van de notarissen en de kandidaat-notarissen, de advocaten en de advocaten-stagiairs, de magistraten en hun aller medewerkers, alsook in het algemeen aan alle praktijkjuristen, een accurate, wetenschappelijk onderbouwde toelichting te geven bij nieuwe wetten of nieuwe ontwikkelingen in rechtspraak of rechtsleer.

De publicaties in deze reeks komen tot stand n.a.v. het congres aan de RUGent, Instituut Notarieel Recht.

De reeks "Rechtskroniek voor het Notariaat" wordt sedert november 2019 uitgegeven door KnopsPublishing. De wetenschappelijke leiding is in handen van de professoren Annelies Wylleman, Jan Bael, Diederik Bruloot en Gerd Verschelden.

Artikel 901 Burgerlijk Wetboek bepaalt dat om een schenking te doen of om een testament te maken men gezond van geest moet zijn. En dit op het moment waarop men de schenking doet of het testament opmaakt. Daarbij rijst natuurlijk de vraag wat ‘gezond van geest zijn’  precies betekent. Professor Jan Bael onderzoekt het in zijn Overzicht van rechtspraak schenkingen en testamenten (2011-2019) in de Rechtskroniek voor het Notariaat.

Betekenis van het begrip ‘gezondheid van geest’

Gezondheid van geest betekent dat de testator (de persoon die het testament opmaakt) of schenker over een voldoende vrije en bewuste wil beschikt. Volgens de rechtspraak houdt dit in dat de testator of schenker zich bewust moet zijn van de draagwijdte van de rechtshandeling en vrijwillig toestemt. Hij moet op het ogenblik van de schenking dus in staat zijn om zich een eigen oordeel te vormen of om op een onafhankelijke wijze zijn wil te uiten.

De leer van de versterkte toestemming

De leer van de versterkte toestemming stelt dat aan de toestemming strengere eisen moeten worden gesteld bij een rechtshandeling onder kosteloze titel dan bij een rechtshandeling onder bezwarende titel. Met andere woorden: de geldigheid van de toestemming wordt anders beoordeeld bij een schenking, dan bij bv. een verkoop. Op basis van deze leer kan, volgens de rechtspraak, naast de volledige afwezigheid van toestemming en de gemeenrechtelijke wilsgebreken (dwaling, geweld en bedrog), ook een gedeeltelijke verstoring of verzwakking van de geestelijke vermogens worden ingeroepen om de nietigverklaring van een gift te bekomen.

Waar dat verschil tussen de beoordeling van de toestemming bij een overeenkomst onder bezwarende titel en de beoordeling van de toestemming bij een schenking of testament precies zit, blijkt echter niet duidelijk uit de rechtspraak.

De rechtspraak houdt er wel een bijzonder strenge houding op na wat de bewijsvoering betreft. Daardoor is het toch erg moeilijk om een schenking of een testament ongeldig te doen verklaren wegens het ontbreken van de gezondheid van geest. Terwijl de theorie van de versterkte toestemming er  net toe zou moeten leiden dat men sneller dan bij overeenkomsten onder bezwarende titel overgaat tot de nietigverklaring, is het strengere standpunt inzake het te leveren bewijs een belangrijke hinderpaal om de nietigverklaring te verkrijgen.

Het bewijs van de ongezondheid van geest

Uitgangspunt is een vermoeden van gezondheid van geest op het ogenblik van het opmaken van het testament of de schenking. Het komt dan ook toe aan diegene die de schenking of het testament wilt aanvechten om het bewijs te leveren dat de schenker/erflater niet gezond van geest was. Hij mag dat doen met alle middelen van recht, inclusief vermoedens en getuigenissen.

Het is de feitenrechter die uiteindelijk soeverein beslist

Wanneer de persoon die de schenking/het testament aanvecht, bewijst dat de testator of schenker zich in een gewoonlijke toestand van mentale afwezigheid bevindt, is het nog niet afgelopen. Diegene die beweert dat de schenking wel geldig is (bv. de begiftigde) mag dan immers aantonen dat de testator of schenker zich op het ogenblik van het opmaken van het testament of bij het doen van de schenking in een helder moment bevond. De bewijslast wordt dus  omgekeerd.

In de rechtspraak stelt men dat het bewijs van de ongezondheid van geest moet worden geleverd, zodanig dat er geen enkele twijfel bestaat over die ongezondheid van geest.

Elementen die de rechtspraak in overweging neemt

De rechter zal bij het beoordelen de (on)gezondheid van geest met verschillende elementen rekening houden, o.a.:

  • De mening van een arts: de rechtspraak houdt zeker rekening met de mening van artsen. Recente rechtspraak kijkt verder dan alleen artsen en houdt bv. ook rekening met verklaringen van verpleegkundigen en kinesisten. De vraag is wel hoe dit zich verhoudt tot het medisch beroepsgeheim.
  • De mening van de notaris: hier is de rechtspraak het niet over eens. In sommige arresten houdt het hof rekening met de mening van de notaris. Andere arresten relativeren de inbreng van de notaris omdat die geen medische expertise heeft.
  • De mening van andere personen: In de rechtspraak uit de voorbije periode wordt het oordeel van bepaalde andere personen (zoals familieleden, buren, vrienden) in overweging genomen.
  • De inhoud van de schenking of het testament: als de inhoud van het testament logisch is in het licht van de concrete omstandigheden, zullen rechters sneller geneigd zijn om aan het testament uitvoering te geven.
  • Het feit dat het testament niet is opgemaakt bij de gebruikelijke notaris van de testator: het hof van beroep houdt hier in een arrest uit 2015 rekening mee, omdat de nieuwe notaris de mentale gezondheidstoestand van de testator niet heeft kunnen vergelijken met haar vroegere gezondheidstoestand en dus de gezondheid van geest minder goed heeft kunnen beoordelen. Het is bij erfenisbejaging immers niet ongewoon dat het testament wordt opgemaakt bij de notaris van de erfgenaam/legataris in plaats van bij de gewone notaris van de erflater.
  • De manier waarop het testament tot stand komt: het feit dat het testamant wordt opgemaakt voor een notaris in aanwezigheid van twee getuigen is vaak een indicatie dat de testator gezond van geest is. Als de notaris meent dat de testator niet gezond van geest is, zou hij zijn medewerking moeten weigeren.

In zijn Overzicht van rechtspraak: schenkingen en testamenten gaat Jan Bael nog dieper in op de gezondheid van geest, evenals andere aspecten van de toestemming bij schenkingen en testamenten. Ook de bekwaamheid en de vormvereisten komen aan bod.

Meer info over de Rechtskroniek voor het Notariaat. Deze prestigieuze reeks wordt vanaf Deel 35 uitgegeven bij KnopsPublishing.

Rechtskroniek voor het Notariaat

Het Instituut voor Notarieel Recht van de Faculteit Recht en Criminologie van de UGent beoogt door de "Rechtskroniek voor het Notariaat" in het bijzonder ten behoeve van de notarissen en de kandidaat-notarissen, de advocaten en de advocaten-stagiairs, de magistraten en hun aller medewerkers, alsook in het algemeen aan alle praktijkjuristen, een accurate, wetenschappelijk onderbouwde toelichting te geven bij nieuwe wetten of nieuwe ontwikkelingen in rechtspraak of rechtsleer.

De publicaties in deze reeks komen tot stand n.a.v. het congres aan de RUGent, Instituut Notarieel Recht.

De reeks "Rechtskroniek voor het Notariaat" wordt sedert november 2019 uitgegeven door KnopsPublishing. De wetenschappelijke leiding is in handen van de professoren Annelies Wylleman, Jan Bael, Diederik Bruloot en Gerd Verschelden.

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.