Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Echt waar. Hier in ons land…

Vorige week was de voorzitter van de Orde van Vlaamse Balies not amused bij het gerucht dat de minister van economie een plan heeft om ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Economie de bevoegdheid te geven het werk van advocaten te controleren. “No passeran” liet hij weten in zijn veertiendaagse nieuwsbrief. Hij ging af op wat de pers wist over een voorontwerp van wet dat de minnelijke invordering van schulden van consumenten wil hervormen. Het voorontwerp is nog niet publiek gemaakt, dus is het gissen wat de minister precies wil bereiken.

Laten we beginnen met de context te schetsen. Veel consumenten kunnen hun facturen niet betalen. Ze lopen dan het risico te worden geconfronteerd met nog grotere schulden, omdat ze bovenop de hoofdsom ook nog aanmaningskosten, intresten en schadebedingen verschuldigd zijn. In 2002 werd de incassoactiviteit (de “minnelijke invordering van schulden”) wettelijk geregeld, vooral om malafide incassobureaus en gerechtsdeurwaarders die hun titel misbruikten aan banden te leggen. Gevolg was onder meer dat ook advocaten bij het versturen van een ingebrekestelling aan consumenten in hun brieven een zinnetje moesten toevoegen dat het niet een procedure voor de rechtbank betrof.

Toen ons land zonder regering was, ontstond er in de bevoegde kamercommissie plots eensgezindheid om grondig aan die wet te timmeren en consumenten meer betalingsfaciliteiten te geven. De tekst was een samenraapsel van allerhande juridisch bedenkelijke teksten en het resultaat was zo mogelijk nog erger. De tekst werd gelukkig op het laatste nippertje afgevoerd.

Daarna boog de regering zich opnieuw over de problematiek en nu blijkt er een consensus te zijn gevonden, wat resulteerde in een nieuw voorontwerp. Dat zou technisch gesproken van een hoger niveau zijn, maar zou wel erg verregaande politieke keuzes inhouden. Een consument die een factuur krijgt moet die pas betalen nadat er eerst een kosteloze herinnering is gestuurd en er daarna, na 14 dagen, ook nog eens aangetekend aan de factuur is herinnerd. Dat zijn natuurlijk de beleidskeuzes van een regering, maar er lijken nog voldoende achterpoortjes te zijn, waarvan sommigen hopen dat zelfs de pientere parlementsleden ze niet zullen ontdekken.

De voorzitter van Vlaamse Balies huiverde vooral bij de gedachte dat het de bedoeling zou zijn om advocaten te laten contoleren door de Economische Inspectie. Advocaten zijn als ondernemers onderworpen aan het Wetboek van Economisch Recht en de ambtenaren van de FOD Economie kunnen nu al controles uitvoeren op, bijvoorbeeld, de naleving van de informatieverplichtingen, al zullen zij bij huiszoekingen bij advocaten vergezeld moeten zijn van de stafhouder. Die laatste kan dan zorgen dat het beroepsgeheim niet in het gedrang gaat.

De plannen van de minister gaan echter veel verder. Hij wil controles laten uitvoeren op wat een advocaat als raadsman van een schuldeiser doet. Indien de advocaat een foute intrest aanrekent in de ingebrekestelling of een te hoog schadebeding, dan kan hij persoonlijk door de economische inspectie worden gesanctioneerd. Een ambtenaar die onder de bevoegdheid van de minister van economie valt zal dus kunnen bepalen wat een advocaat al dan niet mag schrijven. Voor wie het groteske van dat voorstel niet onmiddellijk vat: een advocaat treedt op namens een cliënt. Het gaat dus om de eisen van de cliënt, waar de advocaat nu plots verantwoordelijk voor wordt.

Het is toch aan de rechter om daarover te beslissen? Desgevallend kan de FOD Economie een vordering tot staking instellen tegen de advocaat en is het ook dan de rechter die er over oordeelt. Eventueel kan de advocaat verplicht worden verantwoording af te leggen aan zijn stafhouder die dan een tuchtprocedure kan opstarten, al blijft het dan wel een raadsel op welk grond (het opkomen voor een cliënt die de schade wil vergoed zien voor de laattijdige betaling lijkt eerder een bijzonder ethische houding).

Als dat ontwerp ooit wordt goedgekeurd, dan staat de deur wagenwijd open voor allerhande andere zotte initiatieven. Wat belet dan de minister van justitie om een ontwerp in te dienen dat de ambtenaren van de FOD Justitie toelaat binnen te vallen bij advocaten wanneer die er in een brief mee dreigen een procedure te voeren in plaats van te bemiddelen? En welke ideeën zou de Vlaamse minister van justitie dan uit haar hoed toveren? Een controle door haar administratie van advocaten die het opnemen voor bedrijven die in het verleden PFOS-vervuilend waren?

Het valt enkel te hopen dat de voorzitter van de OVB gelijk krijgt en het wetsontwerp minstens op dat punt de eindstreep niet haalt. No passeran.

Hugo LAMON

***

Meer blogposts lezen van Hugo Lamon? Dat kan hier!

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat in Hasselt. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie van vrije beroepen. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie. Iedere week verschijnt zijn column “LAMON op woensdag” op Jubel.be .

Bekijk alle artikelen

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.