Corona Actua Expertise

Mededingingsrecht of toenaderingsplicht?

VBO
Geschreven door VBO

Wat zijn de gevolgen van de huidige gezondheids- en economische crisis op de toepassing van het mededingingsrecht? De controle van horizontale akkoorden tussen ondernemingen, het verbod op misbruik van machtspositie en het verbod op staatssteun neergelegd in artikelen 101, 102 en 107 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU) zijn allemaal instrumenten die, in normale tijden, de vrijheid van ondernemen garanderen en het evenwicht tussen de economische actoren verzekeren. Het mededingingsrecht stimuleert daarnaast innovatie en houdt de prijzen billijk voor de consument.

Deze gezondheids- en economische crisis vereist niettemin een versoepeling van bepaalde Europese regels. Op dit moment moet het voortbestaan van onze bedrijven – en dus op middellange termijn van de concurrentie – prioriteit nummer één zijn. Een versoepeling van het Europees wetgevend kader is daarbij onontbeerlijk. Anderzijds is het belangrijk dat de economische actoren doeltreffend kunnen samenwerken tegen de verspreiding van het coronavirus. Daartoe moeten de mededingingsautoriteiten het wetgevend kader soepeler toepassen.

Staatssteun

Naar het voorbeeld van andere lidstaten hebben de Belgische autoriteiten al een aantal economische maatregelen aangekondigd om de door de crisis getroffen sectoren ter hulp te schieten. Maar die maatregelen zouden kunnen worden beschouwd als staatssteun, wat betekent dat bedrijven de steun zouden moeten terugbetalen. In de huidige omstandigheden zouden dergelijke maatregelen de concurrentie helemaal niet verstoren, maar zijn ze broodnodig om het economisch weefsel te ondersteunen, zodat we op termijn weer volop kunnen concurreren.

In die optiek kondigde Margrethe Vestager, vicevoorzitster van de Commissie, op 19 maart een tijdelijk wetgevend kader aan opdat de lidstaten ten volle gebruik kunnen maken van de flexibiliteit van de staatssteunregels ter ondersteuning van de economie in de context van COVID-19. Concreet wil dat zeggen dat er in uitzonderlijke gevallen en onder bepaalde voorwaarden vijf soorten steunmaatregelen worden toegestaan, gaande van rechtstreekse subsidies over staatswaarborgen tot overheidsleningen. De Europese Commissie heeft ook een versneld goedkeuringsproces ingevoerd voor belangrijke steunmaatregelen. Dat kader werd op 3 april uitgebreid, door 5 bijkomende soorten steunmaatregelen toe te staan zodat lidstaten onderzoek, tests en productie van voor het coronavirus relevante producten kunnen versnellen, jobs kunnen beschermen en de economie verder kunnen stutten.

Horizontale samenwerkingsovereenkomsten

Om verschillende situaties van schaarste het hoofd te bieden, zijn heel wat – vaak concurrerende – ondernemingen bezig zich te verenigen om efficiënt bepaalde essentiële goederen en diensten te kunnen leveren door bijvoorbeeld hun voorraad, leveringsdiensten of productiemiddelen te bundelen. In een gezamenlijke verklaring van de mededingingsautoriteiten van de 27 lidstaten, kondigde het Europees mededingingsnetwerk aan dat de nationale autoriteiten niet actief zullen tussenkomen in de nodige en tijdelijke maatregelen die worden genomen om een schaarste van het aanbod te vermijden. In de huidige omstandigheden zouden die maatregelen bovendien in werkelijkheid niet neerkomen op een beperking van de mededinging in de zin van artikel 101 VWEU.

Het Europees mededingingsrecht legt ondernemingen op om zelf de rechtmatigheid van hun horizontale akkoorden te evalueren. Aangezien dat allesbehalve een makkelijke oefening is in deze tijden van crisis, voerde de Commissie op 8 april een tijdelijk kader in om bedrijven bij te staan in hun samenwerkingsinitiatieven. Het bericht omschrijft o.a. de belangrijkste evaluatiecriteria en de uitzonderlijke tijdelijke procedure die desgevallend toelaat om schriftelijk uitsluitsel te verkrijgen over de akkoorden.

Misbruik van machtspositie

Tot slot zal de toepassing van het mededingingsrecht worden versoepeld wanneer het gaat om het vrijwaren van de economie of de volksgezondheid, maar zal ze worden verstrengd voor operatoren die profiteren van de schaarste om hun prijzen op te drijven of om ten onrechte bepaalde contracten op te zeggen of te heronderhandelen.

Kortom, de huidige crisissituatie lijkt nu eens te vragen om een versoepeling, dan weer om een verstrenging van de regels van het mededingingsrecht en de toepassing ervan. Die versoepeling is nodig om het economisch weefsel te vrijwaren en om te verzekeren dat ondernemingen met hun zin voor initiatief, aanpassingsvermogen, innovatie en efficiëntie hun cruciale rol kunnen spelen in de strijd tegen de pandemie.

Philippe Lambrecht

Verbond van Belgische Ondernemingen

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.