Sinds kort worden we in de media geconfronteerd met het begrip “wereldvreemde rechters”. Staatssecretaris Theo Francken lanceerde het begrip naar aanleiding van de afhandeling van een asielaanvraag, waarvan de rechterlijke uitspraken hem niet zinden. Toen de ergernis hierover van goedmenende juristen stilaan wegebde, kwam ook de advocatuur onder vuur te liggen. Sommige advocaten zouden aan politiek doen. De advocate die het gemediatiseerd asieldossier behandelt zou buiten haar rol zijn getreden. Bart De Wever orakelde dat haar tussenkomst geen humanitaire grondslag had, maar “een politieke actie was van PVDA-advocaten”. Mr. Jan Meerts, Stafhouder van de Antwerpse balie, reageerde prompt met er op te wijzen dat het ongehoord is dat een advocatenkantoor zomaar als het kantoor van één politieke partij wordt voorgesteld. Hij voegde daar aan toe dat de advocaat “volgens zijn deontologie weliswaar partijdig, maar onafhankelijk is”.

Er zijn meer dan 10.000 advocaten in Vlaanderen. Dat is een behoorlijk gediversifieerde groep. Net als in de rest van de samenleving, zijn er in die groep een allicht niet onaanzienlijk aantal niet erg geïnteresseerd in de politiek en er nog minder in geëngageerd. Er zijn er – gelukkig maar – ook vele anderen. Bij iedere verkiezing valt het bijvoorbeeld op dat vele advocaten zich politiek engageren door op verkiezingslijsten te staan en ook mandaten op te nemen. Elke partij (van extreem links tot extreem rechts en alles wat daar tussen zit) strikt dan wel een advocaat voor een al dan niet verkiesbare plaats. Dat bewijst dat de advocatuur als beroepsgroep het hele politieke spectrum bestrijkt. Er zijn weinig andere beroepen die dezelfde diversiteit uitstralen.

Al die advocaten zijn wel verbonden door eenzelfde deontologische gedragscode voor de zaken die ze als advocaten behandelen en heeft in zekere mate ook betrekking op hun privéleven. Ze hebben allemaal de advocateneed afgelegd en in een plechtige zitting gezworen geen zaak te pleiten die ze in eer en geweten achten niet rechtvaardig te zijn. Het eigen geweten van de advocaat is dus de opperste rechter en zorgt ervoor dat wat voor de ene advocaat een rechtvaardige zaak is, dat voor een andere niet kan zijn. Als alle advocaten eenzelfde rechtvaardigheidsgevoel zouden moeten hebben, is de dictatuur niet ver weg. Dat bewijst hoe moeilijk de rol is van onafhankelijke advocaten in totalitaire regimes.

Advocaten hebben hun eigen overtuigingen. De confrater die de Syrische asielzoekers verdedigt gaf enkele interviews in de media, waar ze ook enige inkijk gaf in haar politieke overtuigingen. Die ideeën stonden behoorlijk ver van de mijne, maar dat is volstrekt irrelevant. Het enige wat telt is te weten of zij in de behandeling van de concrete zaak zich als een onafhankelijk advocaat gedraagt. Die onafhankelijkheid betekent niet neutraliteit, maar wel dat de advocaat de rechtmatige belangen van de cliënt verdedigt en dus “partijdig” optreedt. Daarbij mogen geen daarmee tegenstrijdige belangen spelen en moet de advocaat ook de nodige afstand bewaren van zijn cliënt. De advocaat mag niet de slaafse uitvoerder zijn van de bevelen van de cliënt, maar moet ook zijn eigen belang ondergeschikt maken aan dit van de cliënt. Precies om de onafhankelijkheid van de advocatuur te bewaren, wat essentieel is in een rechtstaat, is het ook van belang om erop te wijzen dat het de beroepsgroep zelf is die toeziet op de naleving van die onafhankelijkheid. Dat is de specifieke rol van de stafhouder van de balie van de betrokken advocaat. Dat had de Stafhouder van Antwerpen zeer goed begrepen en het werd ook terecht uitdrukkelijk herhaald in een persreactie door de voorzitter van de Orde van Vlaamse Balies. De reacties van de politieke wereld waren dan ook volstrekt ongepast en wat pervers. Wie de redenering doortrekt stelt al vlug het ongerijmde ervan vast: wie een moordenaar verdedigt, is natuurlijk niet zelf de moordenaar en keurt de daad van zijn cliënt niet goed. De Franse pleiter Jacques Vergès verdedigde terroristen en leek soms ook sympathie te hebben voor hun gedachtengoed, maar hield afstand en identificeerde zich niet met de cliënt.

Dat alles betekent niet dat advocaten onaantastbaar zijn en ongehinderd alle middelen mogen aanwenden om een cliënt te verdedigen. Advocaten hebben ook een maatschappelijke rol, waardoor ze in een individuele zaak ook altijd het algemeen belang voor ogen moeten hebben. Advocaten mogen zich niet als spookrijders gedragen, ook al zou dit in een individuele zaak in het belang zijn van hun cliënt. Spookrijders werken echter destabiliserend en daarom kan een advocaat zich daar niet toe lenen. Ook hier is het in de eerste plaats aan de stafhouder om daarop toe te zien, maar ook rechters kunnen dit sanctioneren in geval van procesrechtsmisbruik (al zal in dat laatste geval het meestal enkel de cliënt zijn die wordt gesanctioneerd).

Het komt in ieder geval niet aan de politiek toe om zich daarmee te mengen. Wanneer de overheid overigens partij is in een procedure, kan ze ook door een “partijdige” advocaat worden bijgestaan, wat voor de nodige checks and balances zorgt.

Over de verhouding tussen de politiek en de balie valt er nog veel te schrijven. Laat me houden bij een beeld en de rechtsstaat vergelijken met een deur. De uitvoerende en wetgevende macht moeten de toegang tot de rechter mogelijk maken. In die zin zijn zij de scharnieren van de deur. Advocaten zijn dan de deurklink, waardoor de rechtzoekende ook effectief toegang krijgt en kan binnentreden in de wereld van justitie. Om het beeld compleet te maken, zijn de rechters dan de deur van de rechtsstaat. Alle actoren zijn van mekaar afhankelijk, zoals een deur zonder scharnieren niet in de hengsels blijft. Zonder een klink is het moeilijk om de deur te openen. De deur gaat open voor iedereen die binnen kan en daar moet de advocaat voor zorgen. Het maakt daarbij niet uit welke kleur de klink heeft.

Contact opnemen met Mr Lamon?

Hugo Lamon

Mr. Hugo Lamon is advocaat aan de balie van Limburg en Brussel NL. Hij publiceert over o.m. ondernemingsrecht en deontologie. Hij mengt zich al jaren in het maatschappelijk debat over justitie.

Bekijk alle artikelen

1 reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  • De belangen van een cliënt verdedigen is bijna altijd subjectief : de ene zal beweren dat het dossier geen kans op slagen maakt, de ander zal het tegendeel beweren. Die subjectiviteit kan beïnvloed worden door de politieke overtuiging van de advocaat Die advocaat zal dan in feiten een dubbel doel nastreven : de verdediging van zijn cliënt alsmede zijn eigen politieke doelstelling.
    Ik stel mij de vraag of dit hier ( en in vele andere gevallen ) niet speelt ?!