Op 23 september 2026 werd het nieuwe Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek bekendgemaakt. Deze nieuwe wetgeving over bijzondere contracten treedt op 1 september 2027 in werking en vormt een volgende stap in de hervorming van het Belgische Burgerlijk Wetboek.
De hervorming heeft betrekking op verschillende soorten overeenkomsten, waaronder koop- en ruilcontracten, huurcontracten en dienstencontracten. Door het ruime toepassingsgebied zal de nieuwe wetgeving een belangrijke impact hebben op de dagelijkse praktijk van ondernemingen.
Vier krachtlijnen van het nieuwe Boek 7
Met de hervorming van het bijzondere contractenrecht wil de wetgever de bestaande regels duidelijker, eenvoudiger en consistenter maken. Daarbij staan vier krachtlijnen centraal:
- Vereenvoudiging: overbodige bepalingen verdwijnen en bestaande regels worden toegankelijker geformuleerd.
- Herstructurering: de wettelijke bepalingen krijgen een logischere opbouw.
- Harmonisering: de regels voor verschillende soorten bijzondere contracten worden beter op elkaar afgestemd.
- Internationale afstemming: de wetgever laat zich inspireren door buitenlandse rechtsstelsels en internationale instrumenten, waaronder het Weens Koopverdrag.
Vereenvoudiging van het bijzondere contractenrecht
Een eerste belangrijke doelstelling van Boek 7 is de vereenvoudiging van de bestaande wetgeving.
Bepalingen die enkel een herhaling vormen van het algemene verbintenissenrecht, zoals opgenomen in Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, worden geschrapt. Dat maakt de wetgeving niet alleen overzichtelijker, maar verduidelijkt ook wanneer en waarom de regels voor bijzondere contracten afwijken van het gemeen recht.
Op die manier komt de nadruk te liggen op de bepalingen die specifiek gelden voor de verschillende soorten bijzondere contracten.
Daarnaast worden bepaalde regelingen, zoals die rond de consumentenkoop, herwerkt in duidelijkere en toegankelijkere taal.
Een logischere structuur voor dienstencontracten
Naast de vereenvoudiging zorgt Boek 7 ook voor een herstructurering van het bijzondere contractenrecht.
Zo worden verschillende soorten dienstencontracten voortaan ondergebracht in één gemeenschappelijk wettelijk kader. De term 'dienstencontract' wordt daarbij een overkoepelend begrip voor verschillende contractvormen, zoals aanneming, bewaargeving, lastgeving, etc.
Waar nodig voorziet de wetgever in specifieke regels en nuances voor de verschillende soorten dienstencontracten.
Meer uniforme regels voor koop-, huur- en dienstencontracten
Een derde belangrijke krachtlijn is de harmonisering van het bijzondere contractenrecht. De wetgever wil de regels voor verschillende soorten contracten zoveel mogelijk op elkaar afstemmen.
Zo worden uniforme termijnen ingevoerd voor onder meer waarborg, kennisgevingen, verjaring en verval.
Daarnaast introduceert Boek 7 een eenvormig conformiteitsbegrip voor koop-, huur- en dienstencontracten. Dat betekent dat dezelfde maatstaf wordt gehanteerd om te beoordelen of een geleverd goed of een uitgevoerde dienst voldoet aan wat contractueel werd afgesproken.
Deze harmonisering moet zorgen voor meer samenhang tussen de verschillende contractvormen en een consistentere toepassing van de wetgeving.
Nieuwe regels met een concrete impact op jouw overeenkomsten
Naast vereenvoudiging, herstructurering en harmonisering bevat Boek 7 ook een aantal inhoudelijke vernieuwingen ten opzichte van het bestaande contractenrecht.
- Het nieuwe Boek 7 bevestigt uitdrukkelijk dat een dienstencontract ook zonder vergoeding kan worden gesloten. Dat betekent dat ook onbezoldigde dienstverlening, zoals vrijwilligerswerk, onder het toepassingsgebied van deze wetgeving kan vallen.
- Ook voor koopcontracten verandert er een belangrijke regel. Volgens de nieuwe bepalingen draagt de koper het risico op verlies of beschadiging van een goed vanaf het moment van levering, en niet langer vanaf de eigendomsoverdracht. Ook de algemene voorwaarden zullen aan deze nieuwe regels moeten worden aangepast.
Wat betekent Boek 7 voor jouw bestaande en toekomstige contracten?
Het nieuwe Boek 7 bevat in principe regels van aanvullend recht. Dat betekent dat contractpartijen er onderling van kunnen afwijken, tenzij een bepaling uitdrukkelijk of door haar aard van dwingend recht of openbare orde is.
Die contractuele vrijheid biedt mogelijkheden, maar brengt ook aandachtspunten met zich mee. Wanneer afspraken onduidelijk of onvolledig zijn geformuleerd, kunnen de wettelijke regels immers tot onverwachte gevolgen leiden.
Daarom wordt het nog belangrijker om overeenkomsten helder, volledig en gedetailleerd op te stellen. Goed omschreven contractuele afspraken zorgen voor meer rechtszekerheid en helpen discussies achteraf te vermijden.
Met de inwerkingtreding op 1 september 2027 is het dan ook belangrijk om tijdig na te gaan welke impact de nieuwe wetgeving heeft op jouw contracten en algemene voorwaarden.
Sophie Mercier en Elien Vandenbulcke – Vandelanotte



0 reacties