Rechtuit

Kanttekeningen bij het wetsvoorstel met betrekking tot het volgen van een opleiding met betrekking tot seksueel geweld

Avatar
Geschreven door Jubel

Een nieuw wetsvoorstel (doc 55 1295/004 – blz. 29 e.v. en 1295/005 – blz. 19) houdende diverse bepalingen inzake justitie, onder meer in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus, voorziet in een verplichte opleiding met betrekking tot seksueel geweld voor de magistraten zowel van de zetel als van het parket.

Eric Beaucourt

Een nieuw wetsvoorstel (doc 55 1295/004 – blz. 29 e.v. en 1295/005 – blz. 19) houdende diverse bepalingen inzake justitie, onder meer in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus, voorziet in een verplichte opleiding met betrekking tot seksueel geweld voor de magistraten zowel van de zetel als van het parket.

De tekst die in eerste lezing werd goedgekeurd door de Commissie Justitie voorziet het volgende:

Opleiding met betrekking tot seksueel geweld

Afdeling 1

Wijziging van het Gerechtelijk Wetboek

Art. 43 (vroeger art. 42)

Artikel 259bis-9 van het Gerechtelijk Wetboek, ingevoegd bij de wet van 31 januari 2007 en  laatstelijk gewijzigd bij de wet van 23 maart 2019, wordt aangevuld met een paragraaf 5, luidende:

“§ 5. Magistraten die benoemd worden in of bij een rechtbank van eerste aanleg of in of bij een hof van beroep en die niet eerder deze opleiding hebben gevolgd, volgen in de loop van de twee jaren die volgen op hun benoeming een opleiding met betrekking tot seksueel geweld en partnergeweld.”.

Afdeling 2

Overgangsbepaling

Art. 44 (vroeger art. 43)

De magistraten die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit hoofdstuk reeds benoemd zijn in of bij een rechtbank van eerste aanleg ofwel in of bij een hof van beroep, die geen opleiding inzake seksueel geweld en partnergeweld hebben gevolgd, moeten die opleiding volgen binnen de vier jaar volgend op de inwerkingtreding van dit hoofdstuk. Tijdens die periode bepaalt de korpschef de volgorde van prioriteit waarin de betrokken magistraten de opleiding moeten volgen.

Uit het verslag van de eerste lezing blijkt dat, volgens de vertegenwoordiger van de minister, de keuze van de opleiding is ingegeven door de wens voor een algemene bewustwording omtrent deze problematiek binnen de magistratuur. Hij verwijst daarbij naar het dossier van Julie Van Espen. Niemand betwist daarbij de dramatische gevolgen van deze feiten voor de ouders en nabestaanden. De Hoge Raad voor de Justitie heeft ook al een aantal aanbevelingen gedaan.

Verscheidene sprekers in de Commissie Justitie hebben evenwel bedenkingen gemaakt bij dit voorstel.

Zoals nu geformuleerd zijn er zeker ernstige kanttekeningen te maken bij dit voorstel.

Corona-gerelateerd?

Eén van de sprekers merkt zelf op dat dit onderdeel van het wetsvoorstel niet corona-gerelateerd is. Ook de Raad van State heeft dit opgemerkt.

Benoemingsvoorwaarde?

Zoals de tekst er nu uitziet, zou dit kunnen geïnterpreteerd worden als een bijkomende voorwaarde om benoemd te worden. Er is immers sprake van “die niet eerder deze opleiding hebben gevolgd”.

Nood aan bijscholing

Er is een algemene deontologische verplichting voor de magistraten om zich bij te scholen, aan zelfstudie te doen etc. Dat wordt meegenomen in de evaluatie.

Deze bijscholing kan echter op verschillende manieren gebeuren, namelijk door zelfstudie in de materie die men behandelt en/of door het volgen van een opleiding waarvan er nu al jaarlijks een aantal verplicht zijn (vijf dagen per jaar).

Van zodra een uitspraak niet in goede aarde valt bij bepaalde personen, reageert men nu hierop door de indruk te wekken dat magistraten wereldvreemde mensen zijn die dringend noodzaak hebben aan een bepaalde opleiding.

Een groot aantal magistraten zijn naast hun werk ook sociaal geëngageerd in één of andere vereniging of in één of andere vorm, waardoor zij naast het feit dat zij ook een gezin hebben, wel degelijk voeling hebben met de dagelijkse realiteit.

Die magistraten hebben ook al een opleiding van 5 jaar aan de universiteit achter de rug, moeten minstens ook een jaar advocaat geweest zijn, waarbij ook eerst al een aantal opleidingen moeten gevolgd worden en moeten nadien nog een gerechtelijke stage volgen van minstens 2 jaar met ook allerlei opleidingen.

Als binnenkort een uitspraak in een terrorismezaak of een zaak van kinderontvoeringen of een zaak van discriminatie niet in goede aarde valt bij de burger, komen er dan ook verplichte opleidingen in dergelijke materies. Waarom nu juist voor deze materie en niet voor andere?

De opleiding van de magistraten kan toch niet afhangen van de waan van de dag! Moeten dan ook niet alle actoren van de strafketen die belast zijn met het onderzoek deze opleiding volgen? Indien dit niet het geval zou zijn, geeft dit niet de indruk dat men de magistraten onrechtstreeks probeert te beïnvloeden omdat de uitspraak niet in de lijn van de verwachtingen ligt?

Bijscholing voor iedereen?

De vraag is ook of alle magistraten dergelijke opleiding moeten volgen. Wat is het nut van deze opleiding voor een rechter in de ondernemingsrechtbank, voor een rechter in een bouwkamer, voor een rechter die fiscale zaken behandelt, een beslagrechter etc.?

Vooral in grote rechtbanken heeft dergelijke opleiding geen enkel nut, gezien de specialisaties die nu al voorzien zijn zoals onderzoek, familie- en jeugdrechtbank, fiscaliteit, bouwkamer etc.

Bovendien zal dergelijke opleiding een grote kost veroorzaken en opnieuw aanleiding geven tot achterstand. Bij een grote rechtbank van bijvoorbeeld 50 magistraten worden daardoor 100 werkdagen niet beschikbaar voor zittingen etc.

Inhoud van de opleiding

Er is nu enkel voorzien dat de opleiding vier halve dagen of twee hele dagen moet duren. Over de inhoud van de opleiding wordt met geen woord gerept.

Het is ook niet de eerste keer dat iemand die een opleiding komt geven eerst zelf veel moet bijleren van de aanwezige magistraten over de werking van het gerecht.

Besluit

De Minister van Justitie probeert van het coronatijdperk gebruik te maken om allerlei wetgevend werk op een drafje door het parlement te jagen onder meer op basis van gebeurtenissen die de media halen.

Het is duidelijk dat dit wetsvoorstel veel meer kan genuanceerd worden bijvoorbeeld tot het beperken van de magistraten die deze materie behandelen, door deze opleiding te voorzien in de gerechtelijke stage etc.

Misschien kan voor sommige politici ook eens gedacht worden aan een opleiding over “de scheiding van de machten”.

Eric Beaucourtmagistraat op rust

1 Comment

Opmerking plaatsen

Uw naam wordt privé weergegeven op de website en is niet zichtbaar voor anderen. Uw e-mailadres wordt opgeslagen maar niet gepubliceerd.