De mysterieuze bazen van de magistraten cover

23 sep 2026 | Column

De mysterieuze bazen van de magistraten

Door Hugo Lamon

Recente Jobs

Management Assistent
Ondernemingsrecht
0 - 3 jaar
Oost-Vlaanderen
Juridisch adviseur
Commercieel recht
1 - 4 jaar
Oost-Vlaanderen
Notarieel jurist
Notariaat
0 - 3 jaar
Vlaams-Brabant
Dossierbeheerder
sociaal recht
0 - 3 jaar
Vlaanderen
Auditor
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen

Advocaten en magistraten delen dezelfde gerechtsgebouwen als werkplek, maar in de praktijk weten ze opvallend weinig van elkaar. Die afstand bleek duidelijk op de recente plechtige opening van het gerechtelijk jaar aan de balie van Limburg. Een magistrate gaf er een uiteenzetting over het College van de hoven en rechtbanken. Voor de doorsnee burger (en zelfs voor de meeste advocaten) blijft dat orgaan een ietwat mystieke, bijna schimmige instelling. Het College krijgt zelden media-aandacht en wie niet tot de ingewijde kring behoort, tast volledig in het duister over de exacte rol die dit bestuursorgaan geacht wordt te vervullen.

Dat College werd opgericht door de wet van 18 februari 2014. Die wetgeving schudde het Gerechtelijk Wetboek grondig door mekaar met het ambitieuze doel om het “autonoom beheer” voor de rechterlijke macht definitief in te voeren. Het mooie idee achter deze wetgevende actie was om de rechterlijke macht eindelijk los te koppelen van de bevoogding door het toenmalige Ministerie van Justitie (inmiddels omgedoopt tot FOD Justitie). Onze rechtbanken zouden voor hun personeelsbeleid en het aanschaffen van hun dagelijkse materiële middelen niet langer afhankelijk zijn van de bureaucratische willekeur van “Brussel”, maar zouden voortaan worden “geresponsabiliseerd”. Het College moest dat autonoom beheer op een overkoepelend niveau ondersteunen en coördineren, met als ultiem droombeeld dat lokale rechtbanken hun eigen entiteit zelfstandig, daadkrachtig en bijzonder efficiënt zouden gaan beheren.

​Het ultieme droombeeld was dat lokale rechtbanken hun eigen entiteit zelfstandig, daadkrachtig en bijzonder efficiënt zouden gaan beheren.

Reeds in 2008 besteedde ik in mijn boek De kwaaie tante justitie een hoofdstuk aan “de lange weg naar efficiëntie” binnen de rechterlijke macht. Ik citeerde toen uit een rapport uit 2008 van de toenmalige Commissie voor de Modernisering van de Rechterlijke Orde: “De roep om modernisering van de rechterlijke macht – één van de dragende pijlers van ons democratisch bestel – is alomtegenwoordig. Zowel in de politieke wereld als in de rechterlijke orde groeit de overtuiging dat de responsabilisering van hoven en rechtbanken door middel van de toekenning van beheersautonomie de te bewandelen weg is. Deze toekenning dient echter gefaseerd te gebeuren en in alle openheid. Bovendien is ze onlosmakelijk verbonden met het afleggen van rekenschap.” De in dit rapport geprezen principes werden zes jaar later opgenomen in de wet van 2014.

Maar zoals dat gaat in ons land: omdat er nadien nooit uitvoeringsbesluiten werden genomen om dat veelgeprezen autonoom beheer daadwerkelijk in werking te laten treden, bleef het hele filosofische concept – letterlijk – een dode letter op papier. Het overkoepelend College van de zetel werd dan weer wél opgericht.

Parallel daarmee vond als gevolg van de wet van 1 december 2013 ook nog eens een grootschalige “hertekening van het gerechtelijk landschap” plaats. Zo werd onder meer het aantal gerechtelijke arrondissementen drastisch teruggeschroefd tot 12 en vond er een ingrijpende herstructurering plaats van de ondernemings- en arbeidsgerechten.

Wie aandachtig luisterde naar de toespraak op de openingsconferentie, vernam dat er nu blijkbaar weer duchtig wordt vergaderd over een nieuwe moderniseringspoging van de rechterlijke macht. De focus ligt niet langer op de uitwerking van dat autonome beheer, al zwaaide de spreekster wel vroom met een passage uit het huidige regeerakkoord: “De rechterlijke organisatie moet een efficiënte organisatie worden, met een betere dienstverlening aan de burger, en kan dit enkel verwezenlijken via een verzelfstandigd beheer.” Mooie woorden voor op een tegel, en die zin mag dan wel de vermeende leidraad vormen voor alle diepzinnige reflecties, maar over de vraag hoe dat autonoom beheer in de weerbarstige praktijk moet functioneren, bewaart iedereen tot op vandaag een oorverdovend mystiek stilzwijgen.

​Over de vraag hoe dat autonoom beheer in de weerbarstige praktijk moet functioneren, bewaart iedereen tot op vandaag een oorverdovend mystiek stilzwijgen.

Wat wél haarscherp doorsijpelde, is het plan om het aantal korpschefs – lees: hooggeplaatste bazen – sterk te verminderen en dus ook weer te morrelen aan het gerechtelijk landschap. Zo broedt men tegenwoordig opnieuw op het oude idee van “eenheidsrechtbanken” (waarbij de rechtbanken van eerste aanleg zouden samensmelten met de arbeids- en ondernemingsrechtbanken). Er circuleert ook een plan om de vijf bestaande hoven van beroep en arbeidshoven te laten samenvloeien tot slechts één Nederlandstalig en één Franstalig hof, wat als bijkomend politiek doekje voor het bloeden meteen zou betekenen dat het netelige en schier onoplosbare “Brusselse probleem” als sneeuw voor de zon zou verdampen.

Sommige hervormingsgeesten dromen zelfs van een nog grotere efficiëntie (of zo u wilt: een nog meer ingrijpende concentratie van de macht) door eenheidsrechtbanken integraal op “ressortniveau” te organiseren. Dat zou in de praktijk heel concreet betekenen dat er voor het gehele Belgische grondgebied nog vijf superrechtbanken overblijven.

Intussen wordt in de wandelgangen van de justitiepaleizen druk gefluisterd dat deze nieuwste hervormingsplannen integraal gebaseerd zijn op de uitkomsten van een zoveelste nieuwe werklastmeting bij de magistraten. Een meting die – hoe kan het ook anders – alweer het voorwerp zou uitmaken van een procedure tot bij de Raad van State.

De pronostieken die tussen de verfijnde hapjes en de bubbels nadien op de receptie werden gemaakt, leken wonderwel eensluidend: de kans is verpletterend groot dat er voor die plannen weinig draagvlak is.

​Hugo Lamon

​​Lees hier de wekelijkse column van meester Hugo Lamon over Justitie.


​Op de hoogte blijven van alle nieuwigheden binnen justitie, advocatuur en de juridische en fiscale wereld? Volg Jubel.be op LinkedIn.

Recente Jobs

Management Assistent
Ondernemingsrecht
0 - 3 jaar
Oost-Vlaanderen
Juridisch adviseur
Commercieel recht
1 - 4 jaar
Oost-Vlaanderen
Notarieel jurist
Notariaat
0 - 3 jaar
Vlaams-Brabant
Dossierbeheerder
sociaal recht
0 - 3 jaar
Vlaanderen
Auditor
Fiscaal recht
5+ jaar
Vlaanderen

Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

1 Reacties

1 Reactie

  1. Luc Eukerdt

    Mochten we weten hoeveel “volk” er op al die “bazenniveaus” werkt (“Voorzitterschappen van dit en van dat”) we zouden een week in ons bed moeten blijven om te bekomen.
    Afschaffen die niveaus en iedereen gaat gewoon weer écht werken op echte griffies.

    Antwoord

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *